FAQ

Top 10 FAQ
Kan ik de lader voor een lange tijd aangesloten laten op de accu?
Welke lader is geschikt voor mijn voertuig?
Kan ik een kleinere/grotere lader dan aanbevolen gebruiken voor mijn accu?
Mijn lader wordt erg warm. Is dit normaal?
Mijn acculader start niet met opladen. Is deze defect?
Kan ik mijn voertuig opladen via de sigarettenaansteker?
De CTEK handleiding vermeldt: "Sluit de zwarte klem aan op het chassis van het voertuig, op ruime afstand van de brandstofleiding en de accu". Op de afbeelding hiernaast wordt getoond dat de zwart klem verbonden is met de negatieve pool van de accu. Wat is correct?
Kan ik opladen zonder de accu uit het voertuig te verwijderen of de accudoppen te verwijderen?
Kan ik Lithium accu's opladen met een standaard CTEK-acculader en vice versa?
De lader gaat nooit verder dan druppellading (het eerste groene niveau)?

Zoeken in de tekst

Gebruik uw sleutelwoorden om antwoorden te vinden in de FAQ op uw vragen.

Algemeen

Algemeen
Kan ik de lader voor een lange tijd aangesloten laten op de accu?
Ja! CTEK-laders zijn ontwikkeld om accu's volledig op te laden om vervolgens automatisch over te schakelen naar een langetermijn onderhoud.
Vooraleer de lader voor een lange tijd onbeheerd achter te laten, dient men er zich van te vergewissen dat de accu volledig is opgeladen. Dit wordt aangegeven door een groen lampje.
Welke lader is geschikt voor mijn voertuig?
Kies een lader in functie van de grootte van uw accu. Hoe meer ampère de lader kan leveren, hoe sneller uw accu wordt opgeladen.
Gebruik LADER KIEZEN in de menubalk op de homepage.
http://ctek.com/nl/nl/chargers

Kan ik een kleinere/grotere lader dan aanbevolen gebruiken voor mijn accu?
Kies een lader in functie van de grootte van uw accu.
Gebruik LADER KIEZEN in de menubalk op de homepage.
http://ctek.com/nl/nl/chargers



Opladen met een kleinere lader dan aanbevolen, zal langer duren en zal de levensduur en de prestaties van de batterij niet optimaal verlengen.
Opladen met een grotere lader dan aanbevolen, zal leiden tot een niet volledig opgeladen accu en zal de levensduur en de prestaties van de batterij niet optimaal verlengen.
Mijn lader wordt erg warm. Is dit normaal?
Ja, dat is normaal wanneer de lader hard werkt in de bulkfase.
De warmte wordt in bepaalde omstandigheden ontwikkeld en is afhankelijk van de ontvanger (accu). De lader hoeft niet noodzakelijk warm te worden wanneer een andere batterij wordt opgeladen.
Mijn acculader start niet met opladen. Is deze defect?
CTEK laders vereisen tegenspanning vooraleer ze starten met het leveren van spanning/stroom.
Als de verbinding slecht is tussen de lader en de accu, dan start het opladen niet.
Bij een volledig lege accu, accuspanning van 0 V, start het laden niet.

Als u denkt dat het product defect is en binnen de garantie:
1. Sluit de acculader aan op een andere accu
2. Verbind de acculader op het stroomnet
3. Controleer dat de LED-lampjes oplichten
4. Druk op de mode-knop en controleer dat dit werkt

Als u nog steeds van mening bent dat de lader defect is, dan kan u deze met het aankoopbewijs terugsturen naar de verdeler.
Hoeveel elektrische energie kost het om een loodzuuraccu op te laden met een CTEK-acculader?
Hieronder vindt u een handige manier om te berekenen hoeveel energie er wordt verbruikt bij het opladen van een loodzuuraccu met een CTEK-acculader.

Gegeven:
Accuspanning (As) = 12V
Accucapaciteit (Ac) = 75Ah
Huidig laadniveau van de accu (Ln) = 50%
Efficiëntie van de accu = 87%
Efficiëntie van de CTEK-acculader = 80%

Bereken:
De benodigde energie (En) uit het elektriciteitsnet om de accu volledig op te laden

Allereerst: hoeveel energie is er nodig om het laadniveau van de accu aan te vullen tot 100%?
12V x 75Ah x 50% = 12 x 75 x 0,5 = 450Wh

Hoeveel energie moet de acculader leveren, als we rekening houden met de efficiëntie van de accu?
450Wh / 87% = 450 / 0,87 = 517Wh

Hoeveel energie moet het elektriciteitsnet aan de acculader leveren, als we rekening houden met de efficiëntie van de acculader?
En = 517Wh / 80% = 517 / 0,8 = 647Wh oftewel 0,647kWh

Uitkomst:
Op basis van deze gegevens is er 0,647kWh nodig om deze accu helemaal op te laden.
Met de huidige elektriciteitsprijzen kost het opladen van een halfvolle 75Ah accu circa € 0,14.

Voor alle modellen CTEK-acculaders kunt u uitgaan van een efficiëntie van 80%.
U kunt de accucapaciteit (Ac) en het aanvankelijke laadniveau van de accu (Ln) variëren om andere berekeningen te maken.
CTEK-acculaders zijn erg klein. Hoe kunnen ze een accu zo snel en efficiënt opladen, vergeleken met gewone acculaders?
CTEK gebruikt dezelfde technologie als computerfabrikanten om de afmetingen van hun producten te verkleinen, plus speciale technieken om het vermogen te vergroten en een goed gecontroleerde en zuivere laadstroom te leveren. Bedenk ook eens hoe groot mobiele telefoons 15 jaar geleden waren en hoe groot ze nu zijn, en hoe sterk de mogelijkheden van deze apparaten ondertussen zijn toegenomen.
Waar moet ik op letten bij het kiezen van een acculader?
Houd rekening met deze 3 aspecten: 1. Hoe groot is de accu die u wilt opladen? 2. Hoe sterk wordt de accu ontladen voordat u de kans krijgt om deze weer op te laden? 3. Hoe snel moet de accu weer volledig opgeladen zijn? Als u een grote, compleet leeggelopen accu snel weer wilt opladen, kiest u voor een krachtige acculader zoals de CTEK MXS 25 of de CTEK M300. Maar als u alleen wilt zorgen dat de accu van uw motorfiets altijd opgeladen is, of u deze nu morgen of over 6 maanden pas weer wilt gebruiken, dan is de oplaadtijd niet zo belangrijk en kunt u volstaan met een lichte acculader. De CTEK XS 8.0 en de CTEK MXS 3.6 zijn bijvoorbeeld geschikte acculaders voor dit scenario.
Ik denk dat mijn acculader defect is. Wat moet ik doen?
Als de acculader niet werkt, dient u een garantieclaim in. • Lever het product met het aankoopbewijs in bij de winkelier. • De winkel retourneert de producten via de distributeur aan CTEK. • Druk het ingevulde claimformulier af en voeg de afdruk bij het product om verzekerd te zijn van een snelle en correcte afhandeling. • De garantie geldt alleen voor defecten die niet door de gebruiker zijn veroorzaakt, en voor claims die zijn ingediend binnen de garantieperiode van 2 of 5 jaar, afhankelijk van het product en het model. Op producten die vóór 1 januari 2007 zijn aangeschaft, geldt een garantie van 2 jaar. Zie de gebruikershandleiding voor meer informatie. • CTEK kan producten volgens de garantie alleen repareren als er een aankoopbewijs is bijgesloten. • De garantie komt te vervallen als het product is opengemaakt, opzettelijk is beschadigd of op een andere manier is gewijzigd. • CTEK geeft geen schadevergoeding voor incidentele schade of gevolgschade die het gevolg is van defecte producten of het gebruik van CTEK producten. • Als uit onderzoek blijkt dat het product niet defect is, wordt het product door CTEK geretourneerd. • Defecte producten worden gerepareerd of vervangen door een gelijkwaardig product. • Het tegoedbedrag kan bij de eerstvolgende aankoop worden verrekend. • Als de garantie op een product is verstreken en het product niet overduidelijk defect is, wordt het product zonder verder onderzoek geretourneerd. Let op: de kwaliteit van het product wordt niet gegarandeerd door CTEK. • Defecte producten die niet kunnen worden gerepareerd, worden door CTEK vernietigd. • Als een garantieclaim voor een defect product niet wordt geaccepteerd, wordt de acculader alleen aan u geretourneerd indien u hier expliciet om verzoekt. De transportkosten komen in dat geval voor uw rekening.
Wat is 'rimpel' en wat is het effect hiervan op een accu?
De spannings- en stroomrimpel is een maat voor de ongelijkmatigheid van de laadspanning en de laadstroom die door de acculader worden geleverd. Door een hoge stroomrimpel kan de accu warm worden en uitdrogen, waardoor de levensduur wordt bekort. Een hoge spanningsrimpel leidt tot onnauwkeurig opladen en mogelijk tot beschadiging van de voertuigelektronica. De acculaders van CTEK leveren een extreem zuivere laadstroom en laadspanning (dus met een minimale rimpel).
Installatie
Kan ik mijn voertuig opladen via de sigarettenaansteker?
Als uw sigarettenaansteker functioneert wanneer het contact is uitgeschakeld.
Om na te kijken of uw wagen deze functie bezit: raadpleeg de handleiding van de wagen, contacteer uw autodealer of test dit door een toestel aan te sluiten op de sigarettenaansteker in het voertuig.
De CTEK handleiding vermeldt: "Sluit de zwarte klem aan op het chassis van het voertuig, op ruime afstand van de brandstofleiding en de accu". Op de afbeelding hiernaast wordt getoond dat de zwart klem verbonden is met de negatieve pool van de accu. Wat is correct?
De tekst beschrijft hoe u aansluit op een accu in een voertuig. De afbeelding toont hoe u aansluit op een accu die niet verbonden is met een voertuig.
De lader moet aangesloten worden volgens de handleiding van het voertuig.
Kan ik al mijn accu's van 12 V koppelen en tegelijk opladen via onderhoudsladen?
Dat is mogelijk. Denk er wel aan dat alle afzonderlijke accu's volledig moeten worden opgeladen voor ze in parallel worden aangesloten. Vergeet ook niet dat de gecombineerde grootte van de accu's het aanbevolen laadbereik van de lader niet mag overschrijden. Als de grootte (Ah), de leeftijd en de staat van de accu's erg verschilt, dan kan dit een aanzienlijke slijtage veroorzaken bij de accu's die in de beste staat verkeren. Bij een accu in goede staat die wordt opgeslagen voor het winterseizoen, kan zelfontlading optreden wanneer deze gedurende het winterseizoen één of twee keer onder 90% van de volledige lading komt. Maar bij accu's in slechte staat kan dit één of twee keer per week optreden. Als de accu's in parallel zijn aangesloten met een aangesloten lader, dan krijgt elke accu apart niet de lading die hij nodig heeft. Het kan makkelijker zijn om een Comfort Indicator in te stellen op alle afzonderlijke accu's en een lader te verplaatsen tussen alle accu's die moeten worden opgeladen. Zo wordt elke accu het beste opgeladen, op basis van de individuele behoeften en zal geen enkele accu slijtage vertonen en eerder moeten worden vervangen.
Moet de accu worden losgekoppeld van het voertuig wanneer hij wordt opgeladen met een CTEK-lader?
Geen, CTEK-laders beschadigen gevoelige elektronica niet. U hoeft de accu dus niet los te koppelen van het voertuig! Omdat de spanning 15,8 V bedraagt, moet u wel extra voorzichtig zijn wanneer u de Recond-modus gebruikt. De meeste fabrikanten vinden dat alles in orde is zo lang de spanning lager dan 16 V blijft en CTEK blijft ruim onder deze limiet, zelfs in Recond-modus. Denk eraan dat hoge spanningen de gebruiksduur van bepaalde componenten verkorten. De regel is dat de gebruiksduur van een lamp wordt gehalveerd als de spanning met 5% wordt verhoogd, maar dit vormt meestal geen groot gevaar. Als u gevoelige elektronica hebt, waarvoor de fabrikant waarschuwt voor hoge spanningen: koppel deze los!
Waarom sluit u de negatieve klem aan op de aarding en niet op de accu?
U kunt een CTEK-lader zonder enig risico rechtstreeks aansluiten op de negatieve pool in plaats van op het chassis. CTEK beveelt aan om de negatieve klem aan te sluiten op de aarding in plaats van de negatieve pool, om het risico op vonkvorming in de buurt van de accu te vermijden. Explosief zuurstof-waterstofgas kan zich vormen in de buurt van de accu. CTEK-laders zijn echter vonkvrij en intelligent opladen zorgt ervoor dat ze slechts een minimum aan zuurstof-waterstofgas genereren. Er is dus heel weinig risico aan verbonden als u beide klemmen aansluit op de polen van de accu.
Ik wil een CTEK-lader permanent installeren in mijn auto, om de accu van de auto op te laden wanneer de verwarming van de motor/passagiersruimte is aangesloten op het stroomnet. Hoe kan ik dit doen?
Hiervoor hebben we geen beschrijving, maar de installatie is niet erg ingewikkeld. De lader mag niet onder de motorkap worden geïnstalleerd. In dit geval moet de hoofdkabel (230 V) van het type motorverwarming zijn, volgens de Scandinavische regelgeving. De lader moet in de passagiersruimte worden geïnstalleerd. Sluit de hoofdstroomkabel aan op de verwarmingsstekker in de passagiersruimte, met een aftakking indien gewenst. Sluit de accukabel aan op de accu van de auto, bij voorkeur met de oogaansluitingen geleverd bij de lader. Als de accu in de motorruimte van de auto wordt geïnstalleerd, dan kunt u de accukabel door de wand tussen de passagiersruimte en de motorruimte leiden. U moet een zekering plaatsen op de positieve accukabel (rood), zo dicht mogelijk bij de accu, aangezien het hier om een permanente installatie gaat.
Heeft CTEK een Y-kabel waarmee u 2 motorfietsen met één lader kunt opladen? Dat zou handig zijn om 2 motorfietsen gedurende het winterseizoen op te laden voor onderhoud zonder dat ik de lader moet wisselen tussen twee motorfietsen.
CTEK heeft nog nooit Y-kabels geleverd. Dit is immers een onveilige oplossing. Met een Y-kabel kunt u de accu's van twee motorfietsen koppelen. U kunt dit vergelijken met de startkabels die u gebruikt om een auto te starten. Als één accu volledig geladen is en de andere volledig leeg is, dan wordt er een erg hoge stroom tussen de accu's gevormd. Maar het verschil is dat de kabel veel dunner is dan bij startkabels tussen 2 auto's. Er zijn twee risico's. De kabel kan doorbranden – en dan moet u bidden dat de kabel het enige is dat brandt. Als de Y-kabel beschermd wordt door een zekering en de zekering wordt ingeschakeld, dan denkt u dat de accu's worden opgeladen terwijl dat niet het geval is. Dit leidt tot veel frustratie en kosten in de lente. Een betere methode is op elke motorfiets een COMFORT INDICATOR te plaatsen. Wanneer u de motorfietsen controleert, is het eenvoudig om te zien of u de lader naar de andere motorfiets moet omschakelen. Het zou natuurlijk nog makkelijker zijn om voor elke motorfiets een lader te hebben.
Kan ik een systeem met 24 V laden met twee laders voor 12 V in serie aangesloten?
Ja, dit kan perfect en wordt zelfs aanbevolen voor de accu's. Sluit een acculader aan voor elke accu.
Accu’s
Kan ik opladen zonder de accu uit het voertuig te verwijderen of de accudoppen te verwijderen?
Er is geen reden om de accu los te koppelen of te verwijderen uit het voertuig, of om de accudoppen te verwijderen tijdens het opladen. CTEK-laders zijn vonkvrij en beveiligd tegen het omkeren van de polariteit en zijn elektronisch beveiligd.
Kan ik Lithium accu's opladen met een standaard CTEK-acculader en vice versa?
Neen. Lithium accu's vereisen een verschillende oplading dan lood/zuur accu's. Als gevolg van ernstige risico's bij overladen, raden we het gebruik van CTEK-laders, die ontwikkeld zijn voor lood/zuur accu's, voor deze toepassing af. Opladen van lood/zuur accu's met een Lithium-lader levert niet de beste resultaten op en wordt niet aanbevolen.
Moet de accu worden losgekoppeld van het voertuig wanneer hij wordt opgeladen met een CTEK-lader?
Geen, CTEK-laders beschadigen gevoelige elektronica niet. U hoeft de accu dus niet los te koppelen van het voertuig! Omdat de spanning 15,8 V bedraagt, moet u wel extra voorzichtig zijn wanneer u de Recond-modus gebruikt. De meeste fabrikanten vinden dat alles in orde is zo lang de spanning lager dan 16 V blijft en CTEK blijft ruim onder deze limiet, zelfs in Recond-modus. Denk eraan dat hoge spanningen de gebruiksduur van bepaalde componenten verkorten. De regel is dat de gebruiksduur van een lamp wordt gehalveerd als de spanning met 5% wordt verhoogd, maar dit vormt meestal geen groot gevaar. Als u gevoelige elektronica hebt, waarvoor de fabrikant waarschuwt voor hoge spanningen: koppel deze los!
Wat gebeurt er als ik de lader gebruik voor accu's die groter zijn dan u aanbeveelt?
Als u een kleine lader gebruikt, neemt de oplaadtijd toe. Dit kan soms een probleem vormen. In dat geval moet u een grotere lader gebruiken. Als u de lader alleen gebruikt voor onderhoudsladen, dan volstaat een kleine lader vaak.
Kan ik verschillende accu's tegelijk opladen via onderhoudsladen?
CTEK-laders zijn volledig in staat om verschillende accu's, in parallel aangesloten, te laden of onderhoudsladen, op voorwaarde dat de totale grootte van de accu's (Ah) de aanbevolen grootte voor de lader niet overschrijdt. Vergeet niet om elke afzonderlijke accu volledig te laden voor u hem aansluit. Anders bestaat er een risico op stroompieken tussen die accu's, wat kan leiden tot onnodige slijtage.
Kan een bevroren accu worden opgeladen?
Nee, de accu moet eerst worden ontdooid. Vergeet niet dat de accu eerst ontladen was. Anders zou hij niet bevroren zijn. Controleer de accu nauwgezet op scheuren en andere schade. Een volledig opgeladen accu bevriest bij -67 graden Celsius, terwijl een lege accu bij slechts een paar graden onder nul kan bevriezen. Als u denkt dat uw accu bevroren is of was, raden wij aan dat u de accu laat testen. De accu is waarschijnlijk beschadigd en moet mogelijk worden vervangen.
Kan ik GEL-accu's opladen met mijn CTEK-lader?
GEL-accu's zijn een type loodaccu waarbij het zuur gebonden is in een gel. Deze accu's kunnen zonder enig probleem worden opgeladen met een CTEK-lader.
Hoe sterk mag een accu ontladen zijn, als ik deze nog met een CTEK-acculader wil kunnen opladen?
Een accu wordt als 'ontladen' beschouwd wanneer de accuspanning lager dan 10,5V is. Maar zelfs bij een accuspanning van 7 of 8 volt kan de accu nog energie leveren. De meeste CTEK-acculaders kunnen overweg met accu's die een accuspanning van 2V of meer hebben. De CTEK XS 0.8 vereist een minimale spanning van 6V, terwijl de CTEK XC 0.8 accu's met een spanning van 3V of meer kan opladen. In de SUPPLY-modus kunnen de CTEK MXS 7, MXS 25 en MXT 14 zelfs accu's met een restspanning van 0V nog opladen. Houd er rekening mee dat sommige accu's beschadigd raken wanneer ze te sterk worden ontladen. CTEK-acculaders proberen deze accu's nog te redden door het toedienen van stroompulsen om sulfatie tegen te gaan of door de SOFT START-modus te gebruiken (op sommige modellen). Een accu die tot op dit niveau is ontladen, is vaak in slechte conditie en aan vervanging toe.
Functies van de acculader
De lader gaat nooit verder dan druppellading (het eerste groene niveau)?
De lader blijft in druppelmode gedurende 10 dagen, waardoor de batterij volledig blijft opgeladen met een minimaal injecteren van stroom. Na 10 dagen stapt het programma over naar de laatste fase, de pulsfase, voor een langetermijn onderhoud.
Wat gebeurt er als ik de lader gebruik voor accu's die groter zijn dan u aanbeveelt?
Als u een kleine lader gebruikt, neemt de oplaadtijd toe. Dit kan soms een probleem vormen. In dat geval moet u een grotere lader gebruiken. Als u de lader alleen gebruikt voor onderhoudsladen, dan volstaat een kleine lader vaak.
Zijn er CTEK-laders voor andere accutypes?
CTEK heeft ook de CTEK LITHIUM XS lader met een optimaal laadprogramma voor 12 volt 4x LiFePO4 (lithium-ijzerfosfaat) accu’s.
Een CTEK LITHIUM XS kan ook communiceren met de ingebouwde elektronica van de accu indien de elektronica de accu heeft uitgeschakeld om deze te beschermen tegen diepe ontlading.
De acculader schakelt heel snel over naar onderhoudsladen, maar de accu heeft erg weinig capaciteit.
Er zijn twee mogelijke verklaringen voor dit verschijnsel: a) Onderhoudsvrije accu's waaruit vloeistof is weggelekt, reageren vaak op deze manier. De accuspanning loopt snel op, maar de capaciteit is vrijwel nul. Dit blijkt uit het feit dat de accu een relatief hoge spanning vasthoudt na het ontkoppelen van de acculader. Het lijkt vaak wel of een 50Ah-accu is veranderd in een 20Ah-accu. Meet de accuspanning terwijl de acculader niet is aangesloten. Als de spanning 13V of meer is, dan is dit waarschijnlijk de juiste verklaring. De accu is defect en moet worden vervangen. Als er vloeistof is weggelekt, zijn de bovenste delen van de accuplaten vermoedelijk geoxideerd en daardoor niet meer bruikbaar. b) Dit verschijnsel kan zich ook voordoen wanneer de accu gesulfateerd is. De sulfaataanslag isoleert de platen en verhindert het ontstaan van een elektrische stroom. Ook in dit geval wordt er een accuspanning gemeten wanneer de acculader wordt ontkoppeld, maar de spanning daalt al snel tot 12V of minder. Omdat de accuspanning zo snel daalt, moet de acculader hierop reageren door snel in en weer uit te schakelen. Ook in dit geval zal de accucapaciteit waarschijnlijk erg beperkt zijn. Een CTEK-acculader probeert een gesulfateerde accu te 'wekken' door middel van stroompulsen. Maar zelfs als de accu op deze manier weer tot leven gewekt kan worden, is het einde van de levensduur van de accu in zicht. Beide problemen kunnen worden vermeden wanneer u buiten het gebruiksseizoen een CTEK-acculader gebruikt om de accu te onderhouden.
Is het echt mogelijk de acculader onbeheerd zijn werk te laten doen?
Controleer altijd of de acculader is overgeschakeld op onderhoudsladen voordat u de acculader gedurende langere tijd onbeheerd achterlaat terwijl deze op een accu aangesloten is. Als de acculader niet binnen 3 dagen overschakelt op onderhoudsladen, moet de acculader van de accu worden losgekoppeld. Als de acculader op onderhoudsladen is overgeschakeld, dan is alles in orde: de accu is waarschijnlijk in goede staat en zal nog lange tijd functioneren, samen met uw CTEK-acculader. Als de acculader niet binnen enkele dagen is overgeschakeld op onderhoudsladen (het groene lampje gaat branden), is dit een teken dat er iets mis is. Mogelijke oorzaken:
  • Lood-antimoonaccu's (een verouderd accutype) vertonen afwijkend gedrag.
  • Opladen duurt langer en soms wordt de accu overladen als er grote stroomverbruikers op de accu zijn aangesloten.
  • De accu is gesulfateerd. Het opladen duurt langer, omdat de grotere inwendige weerstand van de accu de opname van de laadstroom beperkt.
  • De accu is versleten en moet worden vervangen.
Blijven de instellingen van een CTEK-acculader bewaard als de netstroom wordt afgesloten?
De instellingen van een CTEK MXS 3.6 of Zafir 45 acculader blijven bewaard indien de accu een spanning van minstens 6V heeft. Plaats een MULTI-acculader nooit in de buurt van een sterk elektrisch veld zoals een ontstekingssysteem, omdat hierdoor de instellingen van de acculader verloren kunnen gaan.
Instellingen lader
Ik heb een AGM-accu. Mag ik deze opladen in druppelmodus?
Dat hangt ervan af. Optima en Hawker bevelen druppelmodus aan. Als er niets op de accu vermeld staat, gebruikt u de automodus voor accu's met minder dan 14 Ah of de motorfietsmodus voor accu's met meer dan 14 Ah.
Maritiem
Worden de primaire en secundaire zijden galvanisch gescheiden in uw laders?
Ja, alle CTEK-laders zijn galvanisch gescheiden.

DC/DC

OFF ROAD 100A (D250S Dual+Smartpass+Display)
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Why is the screen of my CTEK BM-1 Compact blank?
Check the wiring is correct and securely terminated. Check the fuse, and check that the battery is not completely flat.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Why does my CTEK BM-1 Compact show that the number of hours remaining is high or low when a constant discharge current is flowing?
The actual battery capacity is different from the value you have entered in Engineering. The reasons for this difference have been discussed above. Adjust the battery capacity in Engineering to match the battery.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
My battery is made up of a bank of several batteries. Is that a problem?
Not as long as the combination produces a nominal 12 volts, and all the current drawn from the bank passes through the shunt.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Can the CTEK BM-1 Compact monitor my engine starting battery as well as my service battery?
No, it cannot. The service battery is in continuous use, and so needs continuous monitoring. The starter battery, however, is subject only to periodic heavy loads followed by float charging, and so does not need to be monitored.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
I have another voltmeter on my vehicle which shows a different value to the CTEK BM-1 Compact indication.
The CTEK BM-1 Compact very accurately measures the voltage directly across the battery terminals. Other voltmeters may read differently owing to volt drops in the wiring.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Why does my CTEK BM-1 Compact show a higher capacity immediately after charging than it does after a few minutes discharging?
This is an unavoidable feature of battery chemistry, which varies from battery to battery, and the charging system used.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Do I need to disconnect my CTEK BM-1 Compact when I leave the vehicle for long periods?
No. The CTEK BM-1 Compact is designed to be permanently connected to the battery. It is independently fused, and draws only 1.5mA from the battery. At such a low current, it would take several years to discharge a typical fully-charged service battery.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Why does my battery seem to have less capacity than it says on its label?
The value on the manufacturer's label is seldom the value achieved in service, because of the deterioration of the cells' plates and many other factors. If it seems to have much lower than its expected capacity, it may need replacement, or you may feel that changing the nominal capacity from the Engineering mode will suffice to let you know well enough the percentage charge remaining.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
When on heavy load, the time to run is lower than I expect. Is this correct?
YES. When heavily loaded, a lead-acid battery delivers less energy than expected owing to electrolyte exhaustion and stagnation. When the battery is delivering heavy currents the CTEK BM-1 Compact uses Peukert's equation to allow for these effects and so show a better estimate for the time to run.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
I have a 500W appliance. How do I know what current it will draw?
Divide the power rating by the nominal supply voltage to find the current. So, for example, your 500W appliance will draw 500W/12V Amps from a nominal 12V battery: i.e. about 42Amps
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
What happens with the CTEK BM-1 if I connect it to a battery with over 600Ah? Will it damage my monitor?
It will not damage the monitor. The voltage readings displayed by the CTEK BM1 will however not be accurate. If the battery is over 600Ah the monitor will show fully charged prematurely.

Background
The CTEK BM 1 monitors capacity of batteries / battery banks from 5Ah up to 600Ah, which enables it to monitor most battery solutions.
The technology used within the CTEK OFF ROAD 100A package means that it has the capacity to power battery banks up to 800 Ah. Whilst we have chosen to retain this higher capacity, for maximum flexibility, we know that this type of power requirement is uncommon for boats, caravans and motorhomes. The monitor has therefore been developed to communicate with systems up to 600Ah.
There is no risk to the monitor, the CTEK Off Road 100A unit or the vehicle if the CTEK BM1 is attached to a battery bank larger than 600Ah. The only result will be that voltage readings displayed by the CTEK BM1 will not be accurate. If the battery is over 600Ah the monitor will show fully charged prematurely. It will not damage the monitor.
What do the led lamps mean?


Error lamp
Power lamp
1. Service battery charging lamp
2. Alternator battery consumption
3. Alternator battery charging lamp
4. Service battery consumption lamp
is lit, what has happened?
The SMARTPASS has detected a problem. The LED flashes with other LEDs to indicate what the problem is.


Led 1 flashing: A problem is detected with the service battery. The current to the battery is too high or the SMARTPASS is overheated. If the current is too high the SMARTPASS will try five times to start charging the battery. If all five attempts fail, the SMARTPASS has to be disconnected from both batteries before it can be restarted. In this situation, check the cables for short circuit. If the SMARTPASS is overheated charging will automatically restart when the temperature has dropped again.

Led 2 flashing: A problem is detected with the consumer output connected to the starter battery input. The current to the consumer output is too high or the SMARTPASS is overheated. If the current is too high the SMARTPASS will try to start charging the battery five times. If all five attempts fail the SMARTPASS needs to be disconnected from both batteries before it can restart. If this is the case check the cables for short circuit, there could also be too many consumers connected. If the SMARTPASS is overheated output will automatically turn on when the temperature has dropped again.

Led 3 flashing: A problem is detected with the starter battery while maintenance charging. The current to the battery is too high or the SMARTPASS is overheated. If the current is too high the SMARTPASS will try to start charging the battery five times. If all five attempts fail the SMARTPASS needs to be disconnected from both batteries before it can restart. If this is the case check the cables for short circuit. If the SMARTPASS is overheated output will automatically turn on when the temperature has dropped again.

Led 4 flashing: A problem is detected with the consumer output connected to the service battery. The current to the output is too high or the SMARTPASS is overheated. If the current is too high the SMARTPASS will try to start charging the battery five times. If all five attempts fail the SMARTPASS needs to be disconnected from both batteries before it can restart. If this is the case check the cables for short circuit, there could also be too many consumers connected. If the SMARTPASS is overheated output will automatically turn on when the temperature has dropped. It could also mean that the battery voltage on the consumer battery is too low.

Led 1, 3 and 4 flashing: The temperature on the service battery is too high. The SMARTPASS will not charge the battery if the temperature is above 65 °C, as soon as the temperature is lower, the charging will automatically restart.
Why is the POWER-led flashing rapidly?
SMARTPASS has gone into power save mode due to low voltage in the starter battery. There is no charger or alternator turned on for the starter battery.
Why is the POWER-led glowing faintly?
SMARTPASS has gone into power save mode due to low voltage in the starter battery. There is no charger or alternator turned on for the starter battery.
Why does the SMARTPASS not start charging?
Check the connections, including the ground. In order to start functioning, SMARTPASS needs over 13,1V from the starter battery. The voltage on the service battery needs to be above 5V.

Measure the voltage and verify that they are within the levels specified above.
Why does the SMARTPASS not stop charging the service battery even though the alternator or charger on the starter battery has been turned off?
When the engine is turned off, SMARTPASS will continue charging as long as the voltage of the starter battery is above 12.8V. Due to this, the end of charging will be briefly delayed.

NOTE: It will NOT drain the starter battery. If there is power to the SMARTPASS from the solar panel, it will charge/maintain the service battery.
Why does the SMARTPASS not supply the consumers connected to the service battery?
The SMARTPASS will turn off the consumer output if the service battery drops to 11.5V. This will prevent the battery from being damaged due to being drained too much. To turn on the consumer output again the service battery needs to be charged.
Can I use a SMARTPASS without a D250S DUAL?
Yes you can. If you do not need a charging function to the service battery, SMARTPASS can be a good solution to provide the service battery with current, especially if you use the service battery while charging (fridge, microwave oven etc.).
D250S DUAL
Why is the POWER- led lamp not lit?
There can be various reasons.

Make sure the system is properly connected and the ground terminal firmly tightened.

Check that the voltage on the service battery is higher than 9 V (the POWER- led lamp lights up when 9V)
D250S DUAL
Why is the POWER- led lamp flashing rapidly?
The charger has gone into power save mode due to low voltage from the starter battery.
D250S DUAL
Why is the POWER- led lamp glowing faintly?
The charger has gone into power save mode due to low voltage from the starter battery.
D250S DUAL
Why does the D250S DUAL not start charging?
In order to start charging the supply voltage from the D250S DUAL needs to be above 13.1V at the service battery input, or above 11.5V from the solar input on the D250S DUAL. In addition the voltage on the service battery has to be above 5V.

Measure the voltage of the batteries, and verify that they are within the levels specified above.
D250S DUAL
Why does the D250S DUAL not stop charging the service battery even though the alternator or charger on the starter battery has been turned off?
When the engine is turned off, D250S DUAL will continue charging as long as the voltage of the starter battery is above 12.8V. Due to this, the end of charging will be briefly delayed.

NOTE: It will NOT drain the starter battery. If there is power to the D250S DUAL from the solar panel, it will charge/maintain the service battery.
D250S DUAL
What does the led lamps mean?


D250S DUAL
Why is the error lamp flashing?
The charger has detected a problem. Note what/which led lamps are also flashing and what problem has occurred. See table below:

C250S DUAL
Het aan/uit-lampje brandt niet
Verklaring: De spanning van de doelaccu moet meer dan 9V zijn.
C250S DUAL
De aan/uit-lampjes knipperen in hoog tempo of gloeien zwak op
Verklaring: De energiespaarstand is geactiveerd omdat de spanning te laag is.
C250S DUAL
De acculader begint niet met opladen
Verklaring: Het opladen begint pas bij een voedingsspanning van meer dan 13,1V op de voedingsaccu-ingang of 11,5V op de zonne-energie-ingang. Bovendien moet de spanning op de doelaccu meer dan 5V zijn, en moet de spanning op de zonne-energie-ingang hoger zijn dan de spanning op de alternatoringang.
Oplossing: Gebruik een voltmeter om te meten of de spanningen aan de bovenstaande specificaties voldoen.
C250S DUAL
De acculader gaat door met opladen van de doelaccu, ook al is de alternator of de acculader op de voedingsaccu uitgeschakeld
Als het opladen van de voedingsaccu wordt uitgeschakeld, daalt de spanning. Het uitgangsvermogen van de acculader hangt af van de ingangsspanning. Bij een lagere ingangsspanning daalt ook het uitgangsvermogen. Daarom kan het enige tijd duren voordat de acculader stopt met opladen. Hierdoor loopt de voedingsaccu echter niet leeg, omdat de acculader wordt uitgeschakeld zodra de spanning daalt tot minder dan 12,8V. Als het zonnepaneel stroom levert, wordt deze stroom gebruikt om de doelaccu op te laden.
C250S DUAL
knippert
Verklaring: Er is een probleem gedetecteerd. Dit lampje knippert altijd samen met andere lampjes om aan te geven wat er precies aan de hand is.

Als alleen het aan/uit-lampje brandt, is de temperatuur van de doelaccu te hoog. De accu wordt niet opgeladen als de temperatuur hoger is dan 65°C. Zodra de temperatuur onder deze waarde is gezakt, wordt het opladen automatisch hervat.

Als het lampje van de alternator en/of het lampje van het zonnepaneel brandt terwijl het foutlampje knippert, is er een probleem met de aansluiting op de doelaccu. Controleer de aansluitingen.
SMARTPASS
Het aan/uit-lampje knippert in hoog tempo of gloeit zwak op
Verklaring: De energiespaarstand is geactiveerd omdat de spanning te laag is. Er is geen acculader of alternator ingeschakeld voor de voedingsaccu.
De SMARTPASS begint niet met opladen
Verklaring: Het opladen begint pas als de voedingsspanning meer dan 13,1V is. Bovendien moet de spanning op de doelaccu meer dan 5V zijn.
Oplossing: Gebruik een voltmeter om te meten of de spanningen aan de bovenstaande specificaties voldoen.
De SMARTPASS gaat door met opladen van de doelaccu, ook al is de alternator of de acculader op de voedingsaccu uitgeschakeld
Als het opladen van de voedingsaccu wordt uitgeschakeld, daalt de spanning. De SMARTPASS wordt uitgeschakeld wanneer de spanning daalt tot minder dan 12,8V. Als er geen stroomverbruikende apparaten zijn aangesloten, kan het enige tijd duren voordat de spanning zover gedaald is.
De SMARTPASS levert geen stroom vanuit de serviceaccu aan de aangesloten apparaten
De SMARTPASS schakelt de stroomtoevoer naar de aangesloten apparaten uit zodra de spanning in de serviceaccu daalt tot 11,5V. Dit voorkomt schade aan de accu door te sterke ontlading. Om de stroomtoevoer naar de apparaten weer te kunnen inschakelen, moet eerst de serviceaccu worden opgeladen.
OFF GRID 20A (D250S Dual+Display)
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Why is the screen of my CTEK BM-1 Compact blank?
Check the wiring is correct and securely terminated. Check the fuse, and check that the battery is not completely flat.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Why does my CTEK BM-1 Compact show that the number of hours remaining is high or low when a constant discharge current is flowing?
The actual battery capacity is different from the value you have entered in Engineering. The reasons for this difference have been discussed above. Adjust the battery capacity in Engineering to match the battery.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
My battery is made up of a bank of several batteries. Is that a problem?
Not as long as the combination produces a nominal 12 volts, and all the current drawn from the bank passes through the shunt.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Can the CTEK BM-1 Compact monitor my engine starting battery as well as my service battery?
No, it cannot. The service battery is in continuous use, and so needs continuous monitoring. The starter battery, however, is subject only to periodic heavy loads followed by float charging, and so does not need to be monitored.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
I have another voltmeter on my vehicle which shows a different value to the CTEK BM-1 Compact indication.
The CTEK BM-1 Compact very accurately measures the voltage directly across the battery terminals. Other voltmeters may read differently owing to volt drops in the wiring.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Why does my CTEK BM-1 Compact show a higher capacity immediately after charging than it does after a few minutes discharging?
This is an unavoidable feature of battery chemistry, which varies from battery to battery, and the charging system used.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Do I need to disconnect my CTEK BM-1 Compact when I leave the vehicle for long periods?
No. The CTEK BM-1 Compact is designed to be permanently connected to the battery. It is independently fused, and draws only 1.5mA from the battery. At such a low current, it would take several years to discharge a typical fully-charged service battery.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
Why does my battery seem to have less capacity than it says on its label?
The value on the manufacturer's label is seldom the value achieved in service, because of the deterioration of the cells' plates and many other factors. If it seems to have much lower than its expected capacity, it may need replacement, or you may feel that changing the nominal capacity from the Engineering mode will suffice to let you know well enough the percentage charge remaining.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
When on heavy load, the time to run is lower than I expect. Is this correct?
YES. When heavily loaded, a lead-acid battery delivers less energy than expected owing to electrolyte exhaustion and stagnation. When the battery is delivering heavy currents the CTEK BM-1 Compact uses Peukert's equation to allow for these effects and so show a better estimate for the time to run.
CTEK BM-1 COMPACT MONITOR
I have a 500W appliance. How do I know what current it will draw?
Divide the power rating by the nominal supply voltage to find the current. So, for example, your 500W appliance will draw 500W/12V Amps from a nominal 12V battery: i.e. about 42Amps
D250S DUAL
Why is the POWER- led lamp not lit?
There can be various reasons.

Make sure the system is properly connected and the ground terminal firmly tightened.

Check that the voltage on the service battery is higher than 9 V (the POWER- led lamp lights up when 9V)
D250S DUAL
Why is the POWER- led lamp flashing rapidly?
The charger has gone into power save mode due to low voltage from the starter battery.
D250S DUAL
Why is the POWER- led lamp glowing faintly?
The charger has gone into power save mode due to low voltage from the starter battery.
D250S DUAL
Why does the D250S DUAL not start charging?
In order to start charging the supply voltage from the D250S DUAL needs to be above 13.1V at the service battery input, or above 11.5V from the solar input on the D250S DUAL. In addition the voltage on the service battery has to be above 5V.

Measure the voltage of the batteries, and verify that they are within the levels specified above.
D250S DUAL
Why does the D250S DUAL not stop charging the service battery even though the alternator or charger on the starter battery has been turned off?
When the engine is turned off, D250S DUAL will continue charging as long as the voltage of the starter battery is above 12.8V. Due to this, the end of charging will be briefly delayed.

NOTE: It will NOT drain the starter battery. If there is power to the D250S DUAL from the solar panel, it will charge/maintain the service battery.
D250S DUAL
What does the led lamps mean?


D250S DUAL
Why is the error lamp flashing?
The charger has detected a problem. Note what/which led lamps are also flashing and what problem has occurred. See table below:

C250S DUAL
Het aan/uit-lampje brandt niet
Verklaring: De spanning van de doelaccu moet meer dan 9V zijn.
C250S DUAL
De aan/uit-lampjes knipperen in hoog tempo of gloeien zwak op
Verklaring: De energiespaarstand is geactiveerd omdat de spanning te laag is.
C250S DUAL
De acculader begint niet met opladen
Verklaring: Het opladen begint pas bij een voedingsspanning van meer dan 13,1V op de voedingsaccu-ingang of 11,5V op de zonne-energie-ingang. Bovendien moet de spanning op de doelaccu meer dan 5V zijn, en moet de spanning op de zonne-energie-ingang hoger zijn dan de spanning op de alternatoringang.
Oplossing: Gebruik een voltmeter om te meten of de spanningen aan de bovenstaande specificaties voldoen.
C250S DUAL
De acculader gaat door met opladen van de doelaccu, ook al is de alternator of de acculader op de voedingsaccu uitgeschakeld
Als het opladen van de voedingsaccu wordt uitgeschakeld, daalt de spanning. Het uitgangsvermogen van de acculader hangt af van de ingangsspanning. Bij een lagere ingangsspanning daalt ook het uitgangsvermogen. Daarom kan het enige tijd duren voordat de acculader stopt met opladen. Hierdoor loopt de voedingsaccu echter niet leeg, omdat de acculader wordt uitgeschakeld zodra de spanning daalt tot minder dan 12,8V. Als het zonnepaneel stroom levert, wordt deze stroom gebruikt om de doelaccu op te laden.
C250S DUAL
knippert
Verklaring: Er is een probleem gedetecteerd. Dit lampje knippert altijd samen met andere lampjes om aan te geven wat er precies aan de hand is.

Als alleen het aan/uit-lampje brandt, is de temperatuur van de doelaccu te hoog. De accu wordt niet opgeladen als de temperatuur hoger is dan 65°C. Zodra de temperatuur onder deze waarde is gezakt, wordt het opladen automatisch hervat.

Als het lampje van de alternator en/of het lampje van het zonnepaneel brandt terwijl het foutlampje knippert, is er een probleem met de aansluiting op de doelaccu. Controleer de aansluitingen.
SMARTPASS
What do the led lamps mean?


Error lamp
Power lamp
1. Service battery charging lamp
2. Alternator battery consumption
3. Alternator battery charging lamp
4. Service battery consumption lamp
is lit, what has happened?
The SMARTPASS has detected a problem. The LED flashes with other LEDs to indicate what the problem is.


Led 1 flashing: A problem is detected with the service battery. The current to the battery is too high or the SMARTPASS is overheated. If the current is too high the SMARTPASS will try five times to start charging the battery. If all five attempts fail, the SMARTPASS has to be disconnected from both batteries before it can be restarted. In this situation, check the cables for short circuit. If the SMARTPASS is overheated charging will automatically restart when the temperature has dropped again.

Led 2 flashing: A problem is detected with the consumer output connected to the starter battery input. The current to the consumer output is too high or the SMARTPASS is overheated. If the current is too high the SMARTPASS will try to start charging the battery five times. If all five attempts fail the SMARTPASS needs to be disconnected from both batteries before it can restart. If this is the case check the cables for short circuit, there could also be too many consumers connected. If the SMARTPASS is overheated output will automatically turn on when the temperature has dropped again.

Led 3 flashing: A problem is detected with the starter battery while maintenance charging. The current to the battery is too high or the SMARTPASS is overheated. If the current is too high the SMARTPASS will try to start charging the battery five times. If all five attempts fail the SMARTPASS needs to be disconnected from both batteries before it can restart. If this is the case check the cables for short circuit. If the SMARTPASS is overheated output will automatically turn on when the temperature has dropped again.

Led 4 flashing: A problem is detected with the consumer output connected to the service battery. The current to the output is too high or the SMARTPASS is overheated. If the current is too high the SMARTPASS will try to start charging the battery five times. If all five attempts fail the SMARTPASS needs to be disconnected from both batteries before it can restart. If this is the case check the cables for short circuit, there could also be too many consumers connected. If the SMARTPASS is overheated output will automatically turn on when the temperature has dropped. It could also mean that the battery voltage on the consumer battery is too low.

Led 1, 3 and 4 flashing: The temperature on the service battery is too high. The SMARTPASS will not charge the battery if the temperature is above 65 °C, as soon as the temperature is lower, the charging will automatically restart.
Why is the POWER-led flashing rapidly?
SMARTPASS has gone into power save mode due to low voltage in the starter battery. There is no charger or alternator turned on for the starter battery.
Why is the POWER-led glowing faintly?
SMARTPASS has gone into power save mode due to low voltage in the starter battery. There is no charger or alternator turned on for the starter battery.
Why does the SMARTPASS not start charging?
Check the connections, including the ground. In order to start functioning, SMARTPASS needs over 13,1V from the starter battery. The voltage on the service battery needs to be above 5V.

Measure the voltage and verify that they are within the levels specified above.
Why does the SMARTPASS not stop charging the service battery even though the alternator or charger on the starter battery has been turned off?
When the engine is turned off, SMARTPASS will continue charging as long as the voltage of the starter battery is above 12.8V. Due to this, the end of charging will be briefly delayed.

NOTE: It will NOT drain the starter battery. If there is power to the SMARTPASS from the solar panel, it will charge/maintain the service battery.
Why does the SMARTPASS not supply the consumers connected to the service battery?
The SMARTPASS will turn off the consumer output if the service battery drops to 11.5V. This will prevent the battery from being damaged due to being drained too much. To turn on the consumer output again the service battery needs to be charged.
Can I use a SMARTPASS without a D250S DUAL?
Yes you can. If you do not need a charging function to the service battery, SMARTPASS can be a good solution to provide the service battery with current, especially if you use the service battery while charging (fridge, microwave oven etc.).
Het aan/uit-lampje knippert in hoog tempo of gloeit zwak op
Verklaring: De energiespaarstand is geactiveerd omdat de spanning te laag is. Er is geen acculader of alternator ingeschakeld voor de voedingsaccu.
De SMARTPASS begint niet met opladen
Verklaring: Het opladen begint pas als de voedingsspanning meer dan 13,1V is. Bovendien moet de spanning op de doelaccu meer dan 5V zijn.
Oplossing: Gebruik een voltmeter om te meten of de spanningen aan de bovenstaande specificaties voldoen.
De SMARTPASS gaat door met opladen van de doelaccu, ook al is de alternator of de acculader op de voedingsaccu uitgeschakeld
Als het opladen van de voedingsaccu wordt uitgeschakeld, daalt de spanning. De SMARTPASS wordt uitgeschakeld wanneer de spanning daalt tot minder dan 12,8V. Als er geen stroomverbruikende apparaten zijn aangesloten, kan het enige tijd duren voordat de spanning zover gedaald is.
De SMARTPASS levert geen stroom vanuit de serviceaccu aan de aangesloten apparaten
De SMARTPASS schakelt de stroomtoevoer naar de aangesloten apparaten uit zodra de spanning in de serviceaccu daalt tot 11,5V. Dit voorkomt schade aan de accu door te sterke ontlading. Om de stroomtoevoer naar de apparaten weer te kunnen inschakelen, moet eerst de serviceaccu worden opgeladen.
D250S DUAL
Why is the POWER- led lamp not lit?
There can be various reasons.

Make sure the system is properly connected and the ground terminal firmly tightened.

Check that the voltage on the service battery is higher than 9 V (the POWER- led lamp lights up when 9V)
Why is the POWER- led lamp flashing rapidly?
The charger has gone into power save mode due to low voltage from the starter battery.
Why is the POWER- led lamp glowing faintly?
The charger has gone into power save mode due to low voltage from the starter battery.
Why does the D250S DUAL not start charging?
In order to start charging the supply voltage from the D250S DUAL needs to be above 13.1V at the service battery input, or above 11.5V from the solar input on the D250S DUAL. In addition the voltage on the service battery has to be above 5V.

Measure the voltage of the batteries, and verify that they are within the levels specified above.
Why does the D250S DUAL not stop charging the service battery even though the alternator or charger on the starter battery has been turned off?
When the engine is turned off, D250S DUAL will continue charging as long as the voltage of the starter battery is above 12.8V. Due to this, the end of charging will be briefly delayed.

NOTE: It will NOT drain the starter battery. If there is power to the D250S DUAL from the solar panel, it will charge/maintain the service battery.
What does the led lamps mean?


Why is the error lamp flashing?
The charger has detected a problem. Note what/which led lamps are also flashing and what problem has occurred. See table below:

Het aan/uit-lampje brandt niet
Verklaring: De spanning van de doelaccu moet meer dan 9V zijn.
De aan/uit-lampjes knipperen in hoog tempo of gloeien zwak op
Verklaring: De energiespaarstand is geactiveerd omdat de spanning te laag is.
De acculader begint niet met opladen
Verklaring: Het opladen begint pas bij een voedingsspanning van meer dan 13,1V op de voedingsaccu-ingang of 11,5V op de zonne-energie-ingang. Bovendien moet de spanning op de doelaccu meer dan 5V zijn, en moet de spanning op de zonne-energie-ingang hoger zijn dan de spanning op de alternatoringang.
Oplossing: Gebruik een voltmeter om te meten of de spanningen aan de bovenstaande specificaties voldoen.
De acculader gaat door met opladen van de doelaccu, ook al is de alternator of de acculader op de voedingsaccu uitgeschakeld
Als het opladen van de voedingsaccu wordt uitgeschakeld, daalt de spanning. Het uitgangsvermogen van de acculader hangt af van de ingangsspanning. Bij een lagere ingangsspanning daalt ook het uitgangsvermogen. Daarom kan het enige tijd duren voordat de acculader stopt met opladen. Hierdoor loopt de voedingsaccu echter niet leeg, omdat de acculader wordt uitgeschakeld zodra de spanning daalt tot minder dan 12,8V. Als het zonnepaneel stroom levert, wordt deze stroom gebruikt om de doelaccu op te laden.
knippert
Verklaring: Er is een probleem gedetecteerd. Dit lampje knippert altijd samen met andere lampjes om aan te geven wat er precies aan de hand is.

Als alleen het aan/uit-lampje brandt, is de temperatuur van de doelaccu te hoog. De accu wordt niet opgeladen als de temperatuur hoger is dan 65°C. Zodra de temperatuur onder deze waarde is gezakt, wordt het opladen automatisch hervat.

Als het lampje van de alternator en/of het lampje van het zonnepaneel brandt terwijl het foutlampje knippert, is er een probleem met de aansluiting op de doelaccu. Controleer de aansluitingen.

Accessoires

CTX BATTERY SENSE
Hoe sluit ik hem aan?
Sluit de rode positieve (+) kabel aan op de positieve pool van de accu en de zwarte negatieve (-) kabel op een aardingspunt op het chassis. Raadpleeg de gebruikershandleiding van het voertuig voor informatie over wat voor uw voertuig wordt aanbevolen.
Welke diameter hebben de oogjes op de Battery Sense?
De Battery Sense heeft M6-oogjes, d.w.z. met een diameter van 6 mm.
Mag ik mijn lader op de Battery Sense aansluiten?
Nee, dat mag u niet. U hebt een CTEK-accessoire nodig – zie voor meer informatie
http://www.ctek.com/nl/nl/accessories/
Hoe vaak verzamelt de Battery Sense informatie van de accu?
Om de vijf minuten meet de Battery Sense de spanning van de accu en berekent de toestand van de lading.
Wanneer wordt de informatie bijgewerkt in de app?
De informatie wordt in de app getoond, wanneer uw telefoon zich binnen 10 meter van de zender bevindt. Als u de app op de achtergrond hebt geopend, verzamelt het om de 60 minuten gegevens, als u zich binnen 10 meter van de zender bevindt.
Kan ik de Battery Sense forceren voor updaten?
Ja, u kunt de functie "Pull to refresh" (trekken voor vernieuwen) in de app gebruiken die dan de meest recente, gemeten waarden aangeeft.
("Pull to refresh" = veeg met uw vinger omlaag over het scherm in de lijstmodus)
Hoe dient de negatieve kabel te worden aangesloten?
De zwarte, negatieve kabel dient te worden aangesloten op een aardingspunt op het voertuigchassis (zie de gebruikershandleiding van uw voertuig).
Is dit van invloed op het accumanagementsysteem?
Nee.
Hoeveel accuspanning verbruikt deze?
Deze verbruikt ongeveer 1 mA, wat neerkomt op circa 1 Ah per maand. De normale ontlaadsnelheid van de accu is ongeveer 10 mA. Als een voertuig gedurende een lange periode niet wordt gebruikt, adviseren wij dat u de accu oplaadt.
Mag ik de Battery Sense op een willekeurige plaats in het motorcompartiment plaatsen?
U dient deze te plaatsen, zodat deze geen contact maakt met bewegende, scherpe, hete of andere ongeschikte oppervlakken.
Op welke besturingssystemen werkt de Battery Sense?
Deze werkt op
Android OS 4.4 of later
iPhone iOS 7 of later, geïnstalleerd op iPhone 4S of latere modellen.
Hoe weet ik of ik Bluetooth 4.0 heb?
Dat is op uw telefoon meestal niet voor de hand liggend. Vraag het aan uw telefoonwinkel.
Waarom kan ik de app niet op Google Play vinden? Ik heb een Android-telefoon
Als u een Android-telefoon hebt die OS 4.4 of later niet ondersteunt, wordt de app niet op Google Play getoond.
Waarom kan ik de app niet in de App Store vinden? Ik heb een iPhone 4
Als u een iPhone hebt die iOS 7 of later niet ondersteunt, wordt de app niet in de App Store getoond.
Waar kan ik meer informatie vinden dan wat er in de handleiding wordt getoond?
Zie voor meer informatie
www.ctek.com
Is het mogelijk om meer dan één telefoon op de Battery Sense aan te sluiten?
Ja, u kunt tot en met 10 telefoons op dezelfde zender aansluiten.
Is het mogelijk om mijn telefoon op meer dan één Battery Sense-unit aan te sluiten?
Ja. Het aantal Battery Sense-units dat u kunt aansluiten, wordt alleen beperkt door het geheugen van uw telefoon.
Kan ik zelfs aansluiten, als ik mijn serienummer ben vergeten?
Ja - u moet de verbinding tussen de accu en de zender ten minste gedurende 30 seconden verbreken en daarna opnieuw aansluiten. Volg de leidraad "lost code" (code kwijt) in de app.
Waarom toont de Battery Sense niet 100%, wanneer het opladen is voltooid?
De Battery Sense meet de spanning van de accu en berekent de toestand van de lading (SOC). In de calculatie wordt rekening gehouden met oplading en ontlading, en er worden ook veronderstellingen gegeven over de karakteristieken van de accu. Daarom is de Battery Sense niet volledig nauwkeurig.
Hoe kan de toestand van de lading (SOC) van de accu toenemen, hoewel ik niet oplaad of niet in mijn voertuig rijd?
Battery Sense past zich aan de accuspanning aan, wanneer deze niet wordt gebruikt. Die kan toenemen, wanneer de accu niet wordt belast.
Hoe dicht moet ik in de buurt van mijn voertuig zijn, zodat de app update?
Het bereik van de Battery Sense is max. 10 meter. Het effectieve bereik kan minder zijn, als er een hindernis - bijvoorbeeld een muur - in de weg staat.
Wat betekent Updaten op de achtergrond?
Er worden metingen naar uw telefoon verzonden, zelfs wanneer de app niet actief is.
Waarom werkt het updaten op de achtergrond niet?
De app kan worden uitgeschakeld als uw telefoon bijvoorbeeld onvoldoende geheugen heeft. Het is raadzaam om de functie in de app te activeren die u waarschuwt, als deze in de afgelopen zeven dagen niet in staat was om te updaten.
Kan ik handmatig updaten?
Ja, u kunt handmatig updaten met gebruik van "Pull to refresh".
("Pull to refresh" = veeg met uw vinger omlaag over het scherm in de lijstmodus)
Kan ik een melding krijgen, wanneer de accu weer opnieuw volledig is opgeladen (groen)?
Nee. U ontvangt alleen meldingen, wanneer de accustatus tijdens het ontladen naar geel of rood wijzigt.
Bij welke niveaus wijzigen de kleurenindicaties?
De status wijzigt van groen naar geel, wanneer de laadtoestand van de accu lager wordt dan 58% en van geel naar rood, wanneer deze lager wordt dan 35%.
Waarom verdwijnt het paneel met een cijfer niet uit het pictogram van de Battery Sense?
Het paneel (iPhone) toont hoeveel zenders de gele of de rode status hebben of in de afgelopen zeven dagen niet zijn geüpdate. Het paneel verdwijnt, wanneer de app is geüpdate en/of de laadstatus naar groen is veranderd.
Waarom werkt de Battery Sense niet op oudere telefoons?
Bluetooth Low Energy is een relatief nieuwe technologie die niet beschikbaar is op oudere telefoons. Voor iOS hebt u een iPhone 4S of later en iOS 7 of later nodig. Voor Android hebt u versie 4.4 (KitKat) nodig.
Werkt de Battery Sense op mijn tablet?
Battery Sense is niet speciaal ontwikkeld voor tablets, maar deze zou moeten werken, als de OS-versie en de hardware Bluetooth 4.0 (BLE) ondersteunen. De app wordt alleen getoond onder iPhone app's, niet onder iPad app's.
Er zijn drie Bluetooth-categorieën. Welke is Battery Sense?
Battery Sense is categorie 2.
COMFORT INDICATOR
Hoe moet ik de kleuren op mijn COMFORT INDICATOR interpreteren?
GROEN: accuspanning is hoger dan 12,65 = accu is volledig opgeladen en hoeft niet te worden opgeladen GEEL: accuspanning is tussen 12,65 en 12,4 V = accu is goed opgeladen. Laad de accu op als u er de tijd en de kans toe hebt ROOD: accuspanning is lager dan 12,4 V = tijd om de accu op te laden om schade aan de accu te voorkomen
Ik heb een COMFORT INDICATOR die permanent is aangesloten op de accu. Bestaat er enig risico op ontlading van de accu?
Nee, de indicator dient om u snel en eenvoudig te laten zien of de accu moet worden opgeladen, waarbij het risico op schade aan de accu omwille van ontlading wordt beperkt. De COMFORT INDICATOR gebruikt ongeveer 1,5 mA. Hierdoor zal de accu slechts een paar minuten eerder leeg zijn dan zonder de indicator.
Ik heb een COMFORT INDICATOR aangesloten op de accu van mijn auto. De rode lamp knippert, zelfs nadat ik de accu volledig heb opgeladen met mijn MULTI XS 3600/ MXS 3.6/Zafir 45/M45. Is dit normaal? Ik dacht dat de COMFORT INDICATOR groen zou zijn als de accu volledig is opgeladen?
De CTEK COMFORT INDICATOR is exact wat de naam zegt – een indicator. Deze biedt een momentopname van het spanningsniveau van het systeem en werkt het beste wanneer de accu een rustniveau heeft bereikt (dit kan een paar uur duren na gebruik van de accu). Van zodra u een deur van de auto opent of de motor aanzet, toont de COMFORT INDICATOR de huidige status, wat betekent dat het spanningsniveau tijdelijk wordt aangeduid als geel of zelfs rood. Daar hoeft u zich geen zorgen om te maken. De COMFORT INDICATOR werkt correct. Om alles eenvoudiger te maken, kunt u de COMFORT INDICATOR ergens plaatsen waar u hem kunt zien zonder dat u de auto moet ontgrendelen of enige spanningsbron in de auto moet gebruiken.
COMFORT CONNECT CIG PLUG
Kan ik uw COMFORT CONNECT CIG PLUG gebruiken om de accu op te laden via de sigarettenaansteker in mijn auto?
Ja, maar u moet controleren dat de stekker onder spanning blijft als het voertuig wordt uitgeschakeld. Als u bijvoorbeeld een mobiele telefoon kunt opladen of een gps kunt gebruiken wanneer de motor is uitgeschakeld, dan kunt u de accu van de auto ook op deze manier opladen.

Producten

CTX BATTERY SENSE
Hoe sluit ik hem aan?
Sluit de rode positieve (+) kabel aan op de positieve pool van de accu en de zwarte negatieve (-) kabel op een aardingspunt op het chassis. Raadpleeg de gebruikershandleiding van het voertuig voor informatie over wat voor uw voertuig wordt aanbevolen.
Welke diameter hebben de oogjes op de Battery Sense?
De Battery Sense heeft M6-oogjes, d.w.z. met een diameter van 6 mm.
Mag ik mijn lader op de Battery Sense aansluiten?
Nee, dat mag u niet. U hebt een CTEK-accessoire nodig – zie voor meer informatie
http://www.ctek.com/nl/nl/accessories/
Hoe vaak verzamelt de Battery Sense informatie van de accu?
Om de vijf minuten meet de Battery Sense de spanning van de accu en berekent de toestand van de lading.
Wanneer wordt de informatie bijgewerkt in de app?
De informatie wordt in de app getoond, wanneer uw telefoon zich binnen 10 meter van de zender bevindt. Als u de app op de achtergrond hebt geopend, verzamelt het om de 60 minuten gegevens, als u zich binnen 10 meter van de zender bevindt.
Kan ik de Battery Sense forceren voor updaten?
Ja, u kunt de functie "Pull to refresh" (trekken voor vernieuwen) in de app gebruiken die dan de meest recente, gemeten waarden aangeeft.
("Pull to refresh" = veeg met uw vinger omlaag over het scherm in de lijstmodus)
Hoe dient de negatieve kabel te worden aangesloten?
De zwarte, negatieve kabel dient te worden aangesloten op een aardingspunt op het voertuigchassis (zie de gebruikershandleiding van uw voertuig).
Is dit van invloed op het accumanagementsysteem?
Nee.
Hoeveel accuspanning verbruikt deze?
Deze verbruikt ongeveer 1 mA, wat neerkomt op circa 1 Ah per maand. De normale ontlaadsnelheid van de accu is ongeveer 10 mA. Als een voertuig gedurende een lange periode niet wordt gebruikt, adviseren wij dat u de accu oplaadt.
Mag ik de Battery Sense op een willekeurige plaats in het motorcompartiment plaatsen?
U dient deze te plaatsen, zodat deze geen contact maakt met bewegende, scherpe, hete of andere ongeschikte oppervlakken.
Op welke besturingssystemen werkt de Battery Sense?
Deze werkt op
Android OS 4.4 of later
iPhone iOS 7 of later, geïnstalleerd op iPhone 4S of latere modellen.
Hoe weet ik of ik Bluetooth 4.0 heb?
Dat is op uw telefoon meestal niet voor de hand liggend. Vraag het aan uw telefoonwinkel.
Waarom kan ik de app niet op Google Play vinden? Ik heb een Android-telefoon
Als u een Android-telefoon hebt die OS 4.4 of later niet ondersteunt, wordt de app niet op Google Play getoond.
Waarom kan ik de app niet in de App Store vinden? Ik heb een iPhone 4
Als u een iPhone hebt die iOS 7 of later niet ondersteunt, wordt de app niet in de App Store getoond.
Waar kan ik meer informatie vinden dan wat er in de handleiding wordt getoond?
Zie voor meer informatie
www.ctek.com
Is het mogelijk om meer dan één telefoon op de Battery Sense aan te sluiten?
Ja, u kunt tot en met 10 telefoons op dezelfde zender aansluiten.
Is het mogelijk om mijn telefoon op meer dan één Battery Sense-unit aan te sluiten?
Ja. Het aantal Battery Sense-units dat u kunt aansluiten, wordt alleen beperkt door het geheugen van uw telefoon.
Kan ik zelfs aansluiten, als ik mijn serienummer ben vergeten?
Ja - u moet de verbinding tussen de accu en de zender ten minste gedurende 30 seconden verbreken en daarna opnieuw aansluiten. Volg de leidraad "lost code" (code kwijt) in de app.
Waarom toont de Battery Sense niet 100%, wanneer het opladen is voltooid?
De Battery Sense meet de spanning van de accu en berekent de toestand van de lading (SOC). In de calculatie wordt rekening gehouden met oplading en ontlading, en er worden ook veronderstellingen gegeven over de karakteristieken van de accu. Daarom is de Battery Sense niet volledig nauwkeurig.
Hoe kan de toestand van de lading (SOC) van de accu toenemen, hoewel ik niet oplaad of niet in mijn voertuig rijd?
Battery Sense past zich aan de accuspanning aan, wanneer deze niet wordt gebruikt. Die kan toenemen, wanneer de accu niet wordt belast.
Hoe dicht moet ik in de buurt van mijn voertuig zijn, zodat de app update?
Het bereik van de Battery Sense is max. 10 meter. Het effectieve bereik kan minder zijn, als er een hindernis - bijvoorbeeld een muur - in de weg staat.
Wat betekent Updaten op de achtergrond?
Er worden metingen naar uw telefoon verzonden, zelfs wanneer de app niet actief is.
Waarom werkt het updaten op de achtergrond niet?
De app kan worden uitgeschakeld als uw telefoon bijvoorbeeld onvoldoende geheugen heeft. Het is raadzaam om de functie in de app te activeren die u waarschuwt, als deze in de afgelopen zeven dagen niet in staat was om te updaten.
Kan ik handmatig updaten?
Ja, u kunt handmatig updaten met gebruik van "Pull to refresh".
("Pull to refresh" = veeg met uw vinger omlaag over het scherm in de lijstmodus)
Kan ik een melding krijgen, wanneer de accu weer opnieuw volledig is opgeladen (groen)?
Nee. U ontvangt alleen meldingen, wanneer de accustatus tijdens het ontladen naar geel of rood wijzigt.
Bij welke niveaus wijzigen de kleurenindicaties?
De status wijzigt van groen naar geel, wanneer de laadtoestand van de accu lager wordt dan 58% en van geel naar rood, wanneer deze lager wordt dan 35%.
Waarom verdwijnt het paneel met een cijfer niet uit het pictogram van de Battery Sense?
Het paneel (iPhone) toont hoeveel zenders de gele of de rode status hebben of in de afgelopen zeven dagen niet zijn geüpdate. Het paneel verdwijnt, wanneer de app is geüpdate en/of de laadstatus naar groen is veranderd.
Waarom werkt de Battery Sense niet op oudere telefoons?
Bluetooth Low Energy is een relatief nieuwe technologie die niet beschikbaar is op oudere telefoons. Voor iOS hebt u een iPhone 4S of later en iOS 7 of later nodig. Voor Android hebt u versie 4.4 (KitKat) nodig.
Werkt de Battery Sense op mijn tablet?
Battery Sense is niet speciaal ontwikkeld voor tablets, maar deze zou moeten werken, als de OS-versie en de hardware Bluetooth 4.0 (BLE) ondersteunen. De app wordt alleen getoond onder iPhone app's, niet onder iPad app's.
Er zijn drie Bluetooth-categorieën. Welke is Battery Sense?
Battery Sense is categorie 2.
CT5 POWERSPORT
Wat is POWERSPORT eigenlijk?
POWERSPORT-voertuigen worden gedefinieerd als aan sport verwante motorvoertuigen waarbij de bestuurder of rijder aan de elementen wordt blootgesteld, zoals motorfietsen, jet ski's en quad-voertuigen.
Wat is CAN Bus?
Kort gezegd, is CAN Bus een intern communicatiesysteem in het voertuig.
Hoe weet ik of ik CAN Bus in mijn voertuig heb?
Vraag het uw winkel of raadpleeg de handleiding van het voertuig.
Wanneer wordt het CAN Bus-signaal verzonden dat het 12 V-contact opent voor opladen?
Het openingsignaal wordt in drie situaties verzonden:
a. Wanneer de kabel met de contactdoos wordt verbonden. Daarom is het van belang om het contact eerst op de accu aan te sluiten.

b. Wanneer de gebruiker het programma verandert of door de laadmodi bladert door op de Mode-knop te drukken.

c. Wanneer er vier weken zijn verstreken sinds enige onderbreking in de vorige laadsessie.

Wij hebben gekozen voor een "herstartinterval" van vier weken om zo goed mogelijk voor de accu te zorgen en een bulkoplading die te vaak plaatsvindt, te vermijden, want deze kan de accu overbelasten.
Wat is het verschil tussen POWERSPORT en andere opladers?
POWERSPORT heeft een ingebouwde functie die het CAN Bus-systeem van de 12 V-uitgang opent. POWERSPORT heeft drie zichtbare modi – Check, Charge en Care (Controleren, Opladen en Onderhouden) – die laten zien waar de oplader in het programma is en wat die op dat moment doet, d.w.z. de accutoestand controleren, opladen of onderhouden.
Kan ik de POWERSPORT als een standaardlader gebruiken voor voertuigen die geen CAN Bus hebben?
Ja, u kunt de POWERSPORT zowel gebruiken voor het opladen als voor het onderhouden van de lading in een voertuig met loodzuuraccu's van 5 - 25 Ah 12 V.
Kan ik een POWERSPORT aansluiten voor langetermijnonderhoud?
Ja, dat is mogelijk. Wanneer de oplader het opladen heeft voltooid, schakelt deze automatisch naar langetermijnonderhoud (Care).
Waar vind ik meer informatie?
Zie voor meer informatie www.ctek.com en zoek naar de CT5 POWERSPORT.
Hoe sluit ik de POWERSPORT aan op voertuigen met een uitgang van 12 V?
Sluit de oplader eerst aan op de uitgang van 12 V van het voertuig en daarna op het stopcontact. Dit is belangrijk, omdat dit verzekert dat de CAN-Bus-poort is geopend.
Hoe sluit ik de POWERSPORT aan?
De accu's die in voertuigen zijn geïnstalleerd, moeten worden aangesloten volgens de handleiding van het voertuig. Sluit de positieve klem (of oogje) aan op de positieve pool (of positief opladercontact) van de accu en de negatieve klem (of oogje) op het chassis (of het negatieve ladercontact). Sluit bij een vrijstaande accu de positieve klem aan op de positieve pool en de negatieve klem op de negatieve pool. Sluit de stroomkabel vervolgens aan op de stroomuitgang.

Kies het vereiste programma door op de Mode-knop te drukken. Dan gaat het eerste lampje aan, "Check". Er wordt zo opgeladen.
Kan ik mijn grasmaaitractor opladen met de POWERSPORT?
Ja, dat is mogelijk, als deze een loodzuuraccu van 12 V heeft met een vermogen tussen 5 en 25 Ah.
Wordt de POWERSPORT geleverd met een CTEK Cig Plug-accessoire?
Nee. Comfort Connect Cig Plug is een accessoire die verkrijgbaar is bij de meeste autoaccessoirewinkels met een uitgebreid assortiment. De POWERSPORT wordt geleverd met 6 mm-diameter Comfort Connect Eyelet M6-oogjes, alsmede met Comfort Connect Clamps (klemmen).

U kunt ook de Comfort Indicator Cig Plug gebruiken.
Kan ik mijn gelaccu opladen met de POWERSPORT?
Ja – gebruik de Normale modus.
Kan ik mijn autoaccu opladen met de POWERSPORT?
De POWERSPORT is bestemd voor accu's met een vermogen tussen 5 en 25 Ah. Autoaccu's hebben meestal meer vermogen. Daarom raden wij voor autoaccu's een oplader met meer vermogen aan.
Is de POWERSPORT een eenvoudigere oplader dan de MXS 5.0? Deze heeft slechts drie lampjes, terwijl de MXS 5.0 er acht heeft.
Nee. Beide opladers omvatten een oplaadprogramma in acht stappen. Ze laten het alleen op een andere manier zien. Op de MXS 5.0 is er voor iedere stap een lampje en worden de spannings- en stroomcurve boven en onder de lampjes getoond. Op de POWERSPORT hebben wij ervoor gekozen om minder lampjes te gebruiken. In plaats daarvan tonen wij alleen in welke stap de oplader zich op dat moment bevindt – Check, Charge of Care. De MXS 5.0 is echter een krachtigere oplader dan de POWERSPORT.
Als ik Recond (revideren) kies, hoe weet ik dan wanneer dit is voltooid?
Revideren wordt geactiveerd door op de Mode-knop te drukken en "Recond" te selecteren. Wanneer de oplader in de "Care"-modus staat, betekent dat ook dat het revideren is voltooid.
Kan ik de POWERSPORT voor mijn scooter gebruiken?
Ja, als uw scooter een loodzuuraccu van 12 V heeft met een vermogen tussen 5 en 25 Ah.
De oplader is omgeschakeld naar de foutmodus. Wat zou het probleem kunnen zijn?
1. Controleer eerst of de oplader correct is aangesloten. Controleer of de positieve klem (of oogje) is aangesloten op de positieve pool (of positief opladercontact) van de accu en de negatieve klem (of oogje) op het chassis (of het negatieve ladercontact) en niet omgekeerd.

2. Test deze op een andere accu om uit te sluiten dat er een probleem met de oplader bestaat.

3. De oplader kan een probleem in de accu hebben opgespoord. De oplader zal herhaaldelijk proberen om door te gaan, maar als deze dat niet kan, schakelt hij over naar de foutmodus.

Afhankelijk van op welk punt in het programma de oplader is gestopt, kan een aantal oorzaken worden geïdentificeerd. Probeer de oplaadcyclus opnieuw te starten met de Mode-knop, als het Check-lampje en de foutindicator (!) beide tegelijkertijd zijn verlicht. Als deze weer op hetzelfde punt stopt, is de accu gesulfateerd en moet waarschijnlijk worden vervangen. Er kunnen andere problemen met de accu bestaan die betekenen dat de oplader niet verder kan gaan dan de Check-modus.

Als de oplader naar de foutmodus gaat, wanneer "Charge" is verlicht, is dit te wijten aan een probleem van het vermogen van de accu om de lading te behouden. Dit kan ook gebeuren, als de belastingen op de accu te groot zijn, waardoor de spanning te snel daalt. Ontkoppel deze belastingen en probeer het opnieuw.
De oplader is correct aangesloten, maar start niet op. Heeft deze soms een probleem?
Nee, waarschijnlijk niet. Als het CAN Bus-systeem de 12 V-uitgang heeft gesloten, moet u op de Mode-knop drukken om de uitgang opnieuw te openen.
De POWERSPORT is correct aangesloten op de uitgang van 12 V van het voertuig en is een tijd bezig geweest met laden. Nu knippert het spanningslampje. Wat betekent dit?
De CAN-Bus-poort van het voertuig is gesloten. De oplader wacht om met de volgende oplaadcyclus te beginnen. Die opent de CAN-Bus-poort opnieuw en gaat verder met het geselecteerde programma.
Heeft de POWERSPORT een temperatuursensor?
Nee.
Hoe weet ik of de accu volledig is opgeladen?
Wanneer het groene lampje "Care" verschijnt, is de accu volledig geladen.
Wat betekenen de drie stadia op de oplader?
Check-modus betekent dat de oplader de gezondheidstoestand van de accu's controleert en zich voorbereidt om op te laden. Als de accu in een goede staat is, duurt het Check-stadium slechts enkele ogenblikken.

De LED van de Charge-modus verschijnt, terwijl de oplader de accu laadt. Care laat zien, wanneer de accu volledig is opgeladen en de oplader automatisch is doorgeschakeld naar Onderhoudsopladen.
Als ik Recond (revideren) kies, hoe weet ik dan wanneer dit is voltooid?
Wanneer de oplader in de "Care"-modus staat, betekent dat ook dat het revideren is voltooid. Revideren wordt geactiveerd door op de Mode-knop te drukken en "Recond" te selecteren.
PRO60
Wat is adaptief laden?
De PRO60 kan de accucapaciteit berekenen en past de veiligste en snelste laadstroom toe voor de accu waarop hij is aangesloten.
Waarom heeft hij verschillende laadmodi als er adaptief laden beschikbaar is?
De PRO60 kan de accucapaciteit beoordelen, niet de technologie.
Zijn de klemmen hierop beter dan op de 70/50?
De klemmen zijn hetzelfde als op de 70/50.
Vanwaar het grote bereik van 10-1600 Ah?
Adaptief laden stelt de PRO60 in staat om een zeer breed scala aan accu's op te laden.
Hoe zit het met gelaccu's? In het productblad staat immers niets over gelaccu's?
De gelaccu kan met dezelfde modus worden opgeladen als een natte loodzuuraccu.
Hoe lang is de AC-kabel?
2,5 m.
Hoe werkt het 'ventilatorloze' apparaatje?
Convectie via de centrale schoorsteen van de PRO60.
Is het een jumpstarter?
Nee.
Wordt hij heet?
De PRO60 genereert warmte tijdens zijn normale werkcyclus, maar het apparaat is dusdanig efficiënt dat de hoeveel warmte wordt die wordt geproduceerd, tot een minimum beperkt blijft
Wat is het bereik van de werktemperatuur?
-20 °C tot +50 °C (-4 °F tot +122 °F)
Is er een temperatuursensor? Hoe werkt deze?
De temperatuursensor zit in de lader en stemt de laadspanning in alle omstandigheden automatisch af op optimaal laden.
Kun je meer laden dan één afzonderlijke accu?
Ja, zolang de juiste richtlijnen voor parallel laden worden opgevolgd.
Kunt u hem ook gebruiken voor 6V, 24V of 48V?
De PRO60 is een 12V-lader
Hoe waterdicht is hij met de schoorsteen?
Het apparaat heeft een IP40-classificatie voor gebruik binnenshuis.
Hoe kun je zien wat de laadstatus is?
De PRO60 laat u weten wanneer het laden voltooid is.
Zijn er accessoires?
Er is een reeks van accessoires voor de PRO60 verkrijgbaar – ga naar de website voor meer details.
Hoe zit het met de garantie?
De normale tweejarige CTEK-garantie voor PRO-producten.
Kan ik lithium gebruiken voor loodzuur en omgekeerd?
Nee - CTEK adviseert om altijd de juiste laadmodus te gebruiken.
Ik heb mijn loodzuuraccu opgeladen met lithium. Heb ik de accu nu onherstelbaar beschadigd?
Nee, dat is niet het geval, maar hij zal niet volledig zijn opgeladen.
Waarom is er een USB-poort?
Dat stelt personeel van CTEK in staat om de software te wijzigen – de PRO60 is toekomstbestendig.
CT5 TIME TO GO
Waarom wordt de TIME TO GO aanbevolen voor 20 Ah en meer?
De inschatting van de resterende tijd is minder nauwkeurig bij accu's met een lagere capaciteit.
Hoe weet ik of de accu volledig is opgeladen?
Wanneer het groene lampje "Care" verschijnt, is de accu volledig geladen.
Hoe moet ik de TIME TO GO aansluiten?
De accu's die in voertuigen zijn geïnstalleerd, moeten in eerste instantie worden aangesloten volgens de handleiding van het voertuig. Als de handleiding niet beschikbaar is, sluit dan de positieve klem (of oogje) aan op de positieve pool (of positief opladercontact) van de accu en de negatieve klem (of oogje) op het chassis (of het negatieve ladercontact). Sluit bij een vrijstaande accu de positieve klem aan op de positieve pool en de negatieve klem op de negatieve pool.
Als ik Recond (revideren) kies, hoe weet ik dan wanneer dit is voltooid?
Wanneer de oplader in de "Care"-modus staat, betekent dat ook dat het revideren is voltooid. Revideren wordt geactiveerd door op de Mode-knop te drukken en "Recond" te selecteren.
Ik kan niet garanderen dat ik thuis ben, wanneer de oplader aangeeft dat het laden is voltooid. Moet ik deze dan ontkoppelen en pas doorgaan, wanneer ik weer thuis ben?
Nee, u hoeft de oplader niet te bewaken. Deze schakelt automatisch naar de onderhoudsmodus en houdt de accu volledig geladen, totdat u er weer bent.
Als u de accu langdurig in de onderhoudsmodus wilt laten, dient u ervoor te zorgen dat het opladen van de accu is gelukt en dat het "Care" lampje is verlicht.
Waarom heet de lader TIME TO GO?
Omdat deze de "resterende tijd voor vertrek" aangeeft, voordat de oplading is voltooid.
De oplader is omgeschakeld naar de foutmodus. Wat zou het probleem kunnen zijn?
1. Controleer eerst of de oplader correct is aangesloten. Controleer of de positieve klem (of oogje) is aangesloten op de positieve pool (of positief opladercontact) van de accu en de negatieve klem (of oogje) op het chassis (of het negatieve ladercontact) en niet omgekeerd.

2. De oplader heeft een probleem in de accu ontdekt. De oplader zal herhaaldelijk proberen om door te gaan, maar als deze dat niet kan, schakelt hij over naar de foutmodus. Oorzaken kunnen fouten in de cel zijn, sulfatatie of het vermogen van de accu om de lading te behouden.
Probeer het programma eerst te starten door op de Mode-knop te drukken.
De foutmodus kan ook worden getoond, als de belastingen op de accu te groot zijn, waardoor de spanning te snel daalt. Ontkoppel deze belastingen en probeer het opnieuw.

3. Test de oplader op een andere accu om de mogelijkheid van opladerfouten uit te sluiten.
Wat betekent "CARE"?
Dat betekent dat de accu nu volledig is opgeladen en dat de oplader naar de onderhoudsmodus is doorgeschakeld.
Wat betekent "GO"?
Dit betekent dat de accu voor ruim 80% is opgeladen en het voertuig kan worden gestart. Wij adviseren dat u het opladen bij de eerste gelegenheid die mogelijk is, voltooit.
Wat is de "TRY"-lamp?
Wanneer de LED "TRY" LED is verlicht, betekent dit dat u kunt proberen het voertuig te starten WANNEER U EEN KEER haast hebt. Op het moment dat de accu voor 30 - 40% is opgeladen en deze bij de eerst mogelijke gelegenheid volledig dient te worden opgeladen.
Hoe bepaalt de TIME TO GO de resterende tijd?
De TIME TO GO bepaalt de resterende oplaadtijd door de spanning van de accu en zijn vermogen om op te laden te analyseren.
TIME TO GO heeft geen "sneeuwvlokinstelling". Is het mogelijk om deze in de winter te gebruiken?
Ja - deze heeft een temperatuursensor die de uitvoerspanning regelt volgens de omgevingstemperatuur.
Is het mogelijk om de oplader voor de accu's van mijn boot te gebruiken?
Ja, dat is mogelijk, als u 12 V-loodzuuraccu's hebt. Let erop dat de TIME TO GO voor accu's van 20 tot 90 Ah is geoptimaliseerd (tot en met 160 Ah voor langetermijnonderhoud).
Hoeveel ampère levert de TIME TO GO?
Deze levert maximaal 5 A en varieert volgens de behoeften van de accu.
Kan ik een oplader gebruiken voor langetermijnonderhoud?
Ja, dat is mogelijk. Wanneer de accu volledig is opgeladen, schakelt de oplader automatisch over op onderhoudsladen.
Ik heb een grasmaaitractor. Kan ik de TIME TO GO gebruiken om deze op te laden?
Ja, dat is mogelijk, als u een 12 V-loodzuuraccu hebt. Let erop dat TIME TO GO voor accu's van 20 Ah is en meer is geoptimaliseerd. Als uw accu dus een lager vermogen heeft dan 20 Ah, dient u een andere oplader te gebruiken, zoals een MXS 3.8.
Wat is het verschil tussen TIME TO GO en een MXS 5.0-oplader?
TIME TO GO heeft een ander display. In plaats van verschillende oplaadstappen ziet u een display dat de tijd aftelt die resteert, totdat de accu kan worden gebruikt.
PRO BATTERY TESTER
What batteries can be tested with a Pro battery tester?
You can test 12V lead/acid starter batteries between 100 and 900 CCA
What does the PRO BATTERY TESTER tester do?
It measures State of health of the battery, and can also test starter motor and alternator function
How depleted battery can it measure?
Down to 1V
Can it test AGM and GEL batteries?
Yes, it will test AGM, GEL and flooded types of lead/acid batteries
What is the paper type in the printer?
The tester uses standard thermal paper – found in most credit card machines. See manual.
Where can I purchase more paper?
Any good office supply store
How can I change the paper roll?
There is a full instruction manual included with the tester.
The printer in the PRO BATTERY TESTER does not work?
There is a full instruction manual included with the tester, complete with Trouble shooting guide
The display of the PRO BATTERY TESTER is dark, what's wrong?
There is a full instruction manual included with the tester, complete with Trouble shooting guide
Can I replace the 9-V battery myself in PRO BATTERY TESTER?
Yes, there is a full instruction manual included with the tester.
What are the dimensions of the PRO BATTERY TESTER?
The dimensions are 230mm * 102mm * 65mm, weight about 500 grams.
I think I get too low values ​​when I test?
The preferred test position is at the battery terminals, the tester will tell you if you have a poor connection.
Can I save the test results?
No, PRO battery tester has no internal storage option.
How to interpret the different test answers?
The manual contains tables with further explanations of the different test answers.
Can I test the lithium batteries with PRO BATTERY TESTER?
No, PRO battery tester is for 12V lead acid starter batteries
What does CCA and the other abbreviations mean?
The manual contains a table of all the abbreviations.
What are the power requirements for the PRO BATTERY TESTER?
PRO Battery Tester needs no AC power. It takes power from the battery that it is connected to or from a 9-volt battery.
CT5 START/STOP
Wat is er nieuw bij de START/STOP-oplader?
START/STOP werd ontwikkeld voor moderne auto's met een start-stop-systeem. Deze is gebruiksvriendelijk, omdat hij geen programmaknop (modusknop) heeft. Hij begint te werken, zodra hij op een accu wordt aangesloten en in een wandcontactdoos wordt gestoken. Deze is ook gemakkelijk te begrijpen, omdat hij slechts drie LED's heeft die de stap van dat moment aangeven: Check, Charge of Care.
Ik heb een AGM-accu, maar mijn auto heeft geen start-stop-systeem. Kan ik de accu toch nog opladen met een START/STOP-oplader?
Ja, dat is mogelijk.
Is het mogelijk om een standaardautoaccu op te laden die niet in een auto met een start-stop-systeem is geïnstalleerd?
Ja. START/STOP is geoptimaliseerd voor gebruik met 12 V EFB (Enhanced Flooded Battery) en AGM-accu's, maar deze kan ook gewone 12 V-loodzuuraccu's opladen.
Wat betekenen de drie stadia op de oplader?
Check-modus betekent dat de oplader de gezondheidstoestand van de accu's controleert en zich voorbereidt om op te laden. Als de accu in een goede staat is, duurt het Check-stadium slechts enkele ogenblikken.
De LED van de Charge-modus verschijnt, terwijl de oplader de accu laadt. Care laat zien, wanneer de accu volledig is opgeladen en de oplader automatisch is doorgeschakeld naar Onderhoudsopladen.
Is de START/STOP een eenvoudigere oplader dan de MXS 5.0? Deze heeft slechts drie lampjes, terwijl de MXS 5.0 er acht heeft.
Nee. Op de MXS 5.0 is er voor iedere stap een lampje en worden de spannings- en stroomcurve boven en onder de lampjes getoond. Op de START/STOP hebben wij ervoor gekozen om minder lampjes te gebruiken. In plaats daarvan tonen wij alleen in welke stap de oplader zich op dat moment bevindt – Check, Charge of Care. START/STOP heeft geen programmaselectie. In plaats daarvan, wanneer deze contact heeft met een accu, begint deze zodra hij in een wandcontactdoos is gestoken.
Kan ik mijn accu opladen via het sigarettenaanstekercontact?
Als uw sigarettenaanstekercontact met de accu is verbonden, zelfs als het contact niet is ingeschakeld, kunt u de accu op die manier opladen. Hiervoor hebt u een Comfort Connect Cig plug of een Comfort Indicator Cig plug nodig.
Hoe moet ik de oplader aansluiten? Mijn auto heeft het BMS (accumanagementsysteem)
Sluit de rode klem (of oogje) aan op de positieve pool (+) van de accu. U kunt de zwarte, negatieve klem (-) (of oogje) op het chassis of op een aanbevolen aardingspunt aansluiten.
Hoeveel ampère levert de START/STOP?
Deze levert maximaal 3,8 A en varieert volgens de behoeften van de accu.
Is het mogelijk om de oplader in de winter te gebruiken? Deze heeft geen winterinstelling.
Ja, u kunt de oplader in de winter gebruiken, omdat deze een ingebouwde temperatuursensor heeft die de uitvoerspanning regelt, afhankelijk van de omgevingstemperatuur.
Beschikt de START/STOP over temperatuurcompensatie?
Ja.
Hoe weet ik of de accu volledig is opgeladen?
Wanneer het groene lampje "Care" verschijnt, is de accu volledig geladen.
De oplader is omgeschakeld naar de foutmodus. Wat zou het probleem kunnen zijn?
1. Controleer eerst of de oplader correct is aangesloten. Controleer of de positieve klem (of oogje) is aangesloten op de positieve pool (of positief opladercontact) van de accu en de negatieve klem (of oogje) op het chassis (of het negatieve ladercontact) en niet omgekeerd.

2. Test deze op een andere accu om uit te sluiten dat er een probleem met de oplader bestaat.

3. De oplader kan een probleem in de accu hebben opgespoord. De oplader zal herhaaldelijk proberen om door te gaan, maar als deze dat niet kan, schakelt hij over naar de foutmodus.
Afhankelijk van op welk punt in het programma de oplader is gestopt, kan een aantal oorzaken worden geïdentificeerd. Probeer de oplaadcyclus opnieuw te starten door de lader uit het contact te halen en deze weer in te steken, als het Check-lampje en de foutindicator (!) beide tegelijkertijd zijn verlicht. Als deze weer op hetzelfde punt stopt, is de accu gesulfateerd en moet waarschijnlijk worden vervangen. Er kunnen andere problemen met de accu bestaan die betekenen dat de oplader niet verder kan gaan dan de Check-modus.
Als de oplader naar de foutmodus gaat, wanneer "Charge" is verlicht, is dit te wijten aan een probleem van het vermogen van de accu om de lading te behouden. Dit kan ook gebeuren, als de belastingen op de accu te groot zijn, waardoor de spanning te snel daalt. Ontkoppel deze belastingen en probeer het opnieuw.
MXS 3.6
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: Het standbylampje brandt alleen als er een accuspanning is.
Oplossing: Sluit de acculader aan op een kort geleden opgeladen accu.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader zowel op de accu als op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader met een andere, kort geleden opgeladen accu.
De acculader schakelt niet over van naar onderhoudsladen
Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur van de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu is defect.
Oplossing: Probeer na afloop van het opladen de accuspanning te meten. Als de spanning minder dan 14,1V bedraagt, is de accu waarschijnlijk defect.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
en branden gelijktijdig (snel knipperend)
Verklaring 1: Slechte aansluiting.
Oplossing: Verplaats de klemmen en controleer of de Comfort Connect-snelkoppeling goed contact maakt.

Verklaring 2: De acculader is aan het desulfateren (in de DESULPHATION-fase).
Oplossing: Laat de acculader 24 uur aangesloten (controleer af en toe). Als de acculader niet binnen 24 uur begint met opladen (een van de lampjes gaat dan branden), is de accu in zeer slechte conditie.
schakelt over op nadat het opladen is gestopt
Verklaring: Na het opnieuw starten van de acculader wordt de accuspanning gecontroleerd. Bij een accuspanning van meer dan 12,9V wordt er niet opgeladen. Bij een accuspanning tussen 12,9V en 14,4V wordt de accu als volledig opgeladen beschouwd. Het opladen wordt automatisch hervat wanneer de accuspanning daalt tot minder dan 12,9V.
De acculader gaat in de standbystand wanneer de stroomtoevoer wordt afgesloten en het opladen wordt niet hervat
Verklaring: De acculader blijft in de standbystand als de accuspanning minder dan 6V is wanneer de stroomtoevoer wordt hersteld.
/ Oplossing: Start het opladen opnieuw door op de MODE-knop te drukken.
Het foutlampje brandt
Verklaring: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.
M200
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 12,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de M200 en de M300 (500Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen in de SUPPLY-modus.
Oplossing: Verbreek het contact tussen de klemmen.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
De functie van de temperatuursensor van de M200 en de M300 is tussentijds gewijzigd. De betekenis van het lampje van de temperatuursensor hangt af van het bouwjaar van de acculader.

Verklaring (M200 / M300 uit 2011 of eerder): Gelijkstroom is onderbroken of kortsluiting in de kabel.

Verklaring (M200 / M300 uit 2012 of later): Dit is normaal. Het lampje brandt om aan te geven dat de temperatuursensor actief is. Als het lampje niet brandt, is de gelijkstroom onderbroken of is er kortsluiting in de kabel.
Het lampje van de temperatuursensor knippert
Verklaring (M200 / M300 uit 2012 of later): De temperatuur is hoger dan 65°C. Het opladen is onderbroken. Nadat de temperatuur tot minder dan 65°C is gedaald, drukt u op de MODE-knop om verder te gaan met opladen.
MULTI XS 25000
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 12,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de MXS 25 en de Multi XS 25000 (500Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen in de SUPPLY-modus.
Oplossing: Verbreek het contact tussen de klemmen.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
Verklaring (Multi XS 25000): Gelijkstroom is onderbroken of kortsluiting in de kabel.

Verklaring (MXS 25): Dit is normaal. Het lampje brandt om aan te geven dat de temperatuursensor actief is. Als het lampje niet brandt, is de gelijkstroom onderbroken of is er kortsluiting in de kabel.
Het lampje van de temperatuursensor knippert
Verklaring: De temperatuur is hoger dan 65°C. Het opladen is onderbroken. Nadat de temperatuur tot minder dan 65°C is gedaald, drukt u op de MODE-knop om verder te gaan met opladen.
MULTI XT 14000
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 7V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 25,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de XT 14000 en de Multi XT 14000 (500Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert en daarna brandt het foutlampje
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
Verklaring (Multi XT 14000): Gelijkstroom is onderbroken of kortsluiting in de kabel.

Verklaring (MXT 14): Dit is normaal. Het lampje brandt om aan te geven dat de temperatuursensor actief is. Als het lampje niet brandt, is de gelijkstroom onderbroken of is er kortsluiting in de kabel.
Het lampje van de temperatuursensor knippert
Verklaring: De temperatuur is hoger dan 65°C. Het opladen is onderbroken. Nadat de temperatuur tot minder dan 65°C is gedaald, drukt u op de MODE-knop om verder te gaan met opladen.
M300
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 12,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de M200 en de M300 (500Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen in de SUPPLY-modus.
Oplossing: Verbreek het contact tussen de klemmen.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
De functie van de temperatuursensor van de M200 en de M300 is tussentijds gewijzigd. De betekenis van het lampje van de temperatuursensor hangt af van het bouwjaar van de acculader.

Verklaring (M200 / M300 uit 2011 of eerder): Gelijkstroom is onderbroken of kortsluiting in de kabel.

Verklaring (M200 / M300 uit 2012 of later): Dit is normaal. Het lampje brandt om aan te geven dat de temperatuursensor actief is. Als het lampje niet brandt, is de gelijkstroom onderbroken of is er kortsluiting in de kabel.
Het lampje van de temperatuursensor knippert
Verklaring (M200 / M300 uit 2012 of later): De temperatuur is hoger dan 65°C. Het opladen is onderbroken. Nadat de temperatuur tot minder dan 65°C is gedaald, drukt u op de MODE-knop om verder te gaan met opladen.
MULTI XS 25000 EXTENDED
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 12,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de MXS 25 en de Multi XS 25000 (500Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen in de SUPPLY-modus.
Oplossing: Verbreek het contact tussen de klemmen.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
Verklaring (Multi XS 25000): Gelijkstroom is onderbroken of kortsluiting in de kabel.

Verklaring (MXS 25): Dit is normaal. Het lampje brandt om aan te geven dat de temperatuursensor actief is. Als het lampje niet brandt, is de gelijkstroom onderbroken of is er kortsluiting in de kabel.
Het lampje van de temperatuursensor knippert
Verklaring: De temperatuur is hoger dan 65°C. Het opladen is onderbroken. Nadat de temperatuur tot minder dan 65°C is gedaald, drukt u op de MODE-knop om verder te gaan met opladen.
MXS 25
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 12,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de MXS 25 en de Multi XS 25000 (500Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen in de SUPPLY-modus.
Oplossing: Verbreek het contact tussen de klemmen.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
Verklaring (Multi XS 25000): Gelijkstroom is onderbroken of kortsluiting in de kabel.

Verklaring (MXS 25): Dit is normaal. Het lampje brandt om aan te geven dat de temperatuursensor actief is. Als het lampje niet brandt, is de gelijkstroom onderbroken of is er kortsluiting in de kabel.
Het lampje van de temperatuursensor knippert
Verklaring: De temperatuur is hoger dan 65°C. Het opladen is onderbroken. Nadat de temperatuur tot minder dan 65°C is gedaald, drukt u op de MODE-knop om verder te gaan met opladen.
MXS 25EC
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 12,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de MXS 25 en de Multi XS 25000 (500Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen in de SUPPLY-modus.
Oplossing: Verbreek het contact tussen de klemmen.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
Verklaring (Multi XS 25000): Gelijkstroom is onderbroken of kortsluiting in de kabel.

Verklaring (MXS 25): Dit is normaal. Het lampje brandt om aan te geven dat de temperatuursensor actief is. Als het lampje niet brandt, is de gelijkstroom onderbroken of is er kortsluiting in de kabel.
Het lampje van de temperatuursensor knippert
Verklaring: De temperatuur is hoger dan 65°C. Het opladen is onderbroken. Nadat de temperatuur tot minder dan 65°C is gedaald, drukt u op de MODE-knop om verder te gaan met opladen.
MXT 14
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 7V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 25,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de XT 14000 en de Multi XT 14000 (500Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert en daarna brandt het foutlampje
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
Verklaring (Multi XT 14000): Gelijkstroom is onderbroken of kortsluiting in de kabel.

Verklaring (MXT 14): Dit is normaal. Het lampje brandt om aan te geven dat de temperatuursensor actief is. Als het lampje niet brandt, is de gelijkstroom onderbroken of is er kortsluiting in de kabel.
Het lampje van de temperatuursensor knippert
Verklaring: De temperatuur is hoger dan 65°C. Het opladen is onderbroken. Nadat de temperatuur tot minder dan 65°C is gedaald, drukt u op de MODE-knop om verder te gaan met opladen.
XC 0.8
Wanneer ik begin met opladen, brandt het groene lampje en knippert het oranje lampje in een hoog tempo. Wat betekent dit?
Hier zijn meerdere mogelijke oorzaken voor: 1) Slecht contact. Verdraai de connectoren een beetje. Controleer of de Comfort connect (of het witte plastic contact op de oplaadkabel) goed vastzit. Controleer ook of er goed contact met de accu wordt gemaakt en of de accupolen schoon zijn. 2) Een andere verklaring is dat de accu gesulfateerd is. CTEK-acculaders hebben een unieke functie om gesulfateerde accu's te revitaliseren. In een gesulfateerde accu heeft zich een isolerende laag loodsulfaat gevormd. Deze laag is blijkbaar nog niet overal aanwezig, omdat er nog steeds een spanning over de accu gemeten kan worden. In dit geval geeft de acculader kleine energiepulsen totdat de accu weer lading accepteert. Een accu die geen lading meer accepteert, kan op deze manier vaak weer tot leven worden gewekt. Laat de acculader de accu een uur lang opladen. Als het lampje op de acculader blijft knipperen, is de accu waarschijnlijk versleten en aan vervanging toe. Als het gele of het groene lampje oplicht, is het gelukt de accu te wekken en zal de accu waarschijnlijk wel weer functioneren. Maar de accu heeft niet lang meer te gaan. Een acculader die met 5A of meer oplaadt, geeft een waarschuwing (via het storingslampje) als het desulfateren meer dan vier uur duurt. Dit is tevens een herinnering dat de accu niet lang meer te leven heeft. De sulfaatkristallen zijn erg groot geworden en kunnen door geen enkele acculader meer worden afgebroken. 3) Defecte accucel. Als het oranje lampje eerst gaat branden om aan te geven dat de accu normaal wordt opgeladen, maar daarna begint te knipperen, dan is er ergens sprake van een onderbreking van de stroomkring. De meest voor de hand liggende verklaring is dat de aansluiting ergens is verbroken. Maar er kan ook sprake zijn van een defect binnen in de accu. Zet de acculader uit of in de standbystand en zet hem vervolgens weer aan. Als de stroomkring inderdaad onderbroken is, wordt het opladen niet hervat.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader op de accu is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader zowel op de accu als op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 4V.
Oplossing: Probeer de acculader met een andere, kort geleden opgeladen accu.
De acculader schakelt niet over van naar onderhoudsladen
Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur van de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu is defect.
Oplossing: Probeer na afloop van het opladen de accuspanning te meten. Als de spanning minder dan 7V bedraagt, is de accu waarschijnlijk defect.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
en branden gelijktijdig (snel knipperend) en er is een tikgeluid te horen
Verklaring 1: Slechte aansluiting.
Oplossing: Verplaats de klemmen en controleer of de Comfort Connect-snelkoppeling goed contact maakt.

Verklaring 2: De acculader is aan het desulfateren (in de DESULPHATION-fase).
Oplossing: Laat de acculader 24 uur aangesloten (controleer af en toe). Als de acculader niet binnen 24 uur begint met opladen (een van de lampjes gaat dan branden), is de accu in zeer slechte conditie.
schakelt over op nadat het opladen is gestopt
Verklaring: Na het opnieuw starten van de acculader wordt de accuspanning gecontroleerd. Bij een accuspanning van meer dan 6,5V wordt er niet opgeladen. Bij een accuspanning tussen 6,5V en 7,2V wordt de accu als volledig opgeladen beschouwd. Het opladen wordt automatisch hervat wanneer de accuspanning daalt tot minder dan 6,5V.
Het foutlampje brandt
Verklaring: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.
MULTI XS 3600
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: Het standbylampje brandt alleen als er een accuspanning is.
Oplossing: Sluit de acculader aan op een kort geleden opgeladen accu.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader zowel op de accu als op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader met een andere, kort geleden opgeladen accu.
De acculader schakelt niet over van naar onderhoudsladen
Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur van de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu is defect.
Oplossing: Probeer na afloop van het opladen de accuspanning te meten. Als de spanning minder dan 14,1V bedraagt, is de accu waarschijnlijk defect.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
en branden gelijktijdig (snel knipperend)
Verklaring 1: Slechte aansluiting.
Oplossing: Verplaats de klemmen en controleer of de Comfort Connect-snelkoppeling goed contact maakt.

Verklaring 2: De acculader is aan het desulfateren (in de DESULPHATION-fase).
Oplossing: Laat de acculader 24 uur aangesloten (controleer af en toe). Als de acculader niet binnen 24 uur begint met opladen (een van de lampjes gaat dan branden), is de accu in zeer slechte conditie.
schakelt over op nadat het opladen is gestopt
Verklaring: Na het opnieuw starten van de acculader wordt de accuspanning gecontroleerd. Bij een accuspanning van meer dan 12,9V wordt er niet opgeladen. Bij een accuspanning tussen 12,9V en 14,4V wordt de accu als volledig opgeladen beschouwd. Het opladen wordt automatisch hervat wanneer de accuspanning daalt tot minder dan 12,9V.
De acculader gaat in de standbystand wanneer de stroomtoevoer wordt afgesloten en het opladen wordt niet hervat
Verklaring: De acculader blijft in de standbystand als de accuspanning minder dan 6V is wanneer de stroomtoevoer wordt hersteld.
/ Oplossing: Start het opladen opnieuw door op de MODE-knop te drukken.
Het foutlampje brandt
Verklaring: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.
MXS 10
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
knippert
Als er geen accu is aangesloten of als de accuspanning te laag is, knippert dit lampje om aan te geven dat de energiespaarstand is geactiveerd.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: De acculader is niet aangesloten op een 12V-accu.
Oplossing: Probeer de acculader met een kort geleden opgeladen 12V-accu.

Verklaring 4: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 1.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 1 wordt afgebroken, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

Verklaring 5: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 2.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 2 wordt afgebroken, kan de accu niet meer worden opgeladen en moet deze worden vervangen.

Verklaring 6: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 5.

Verklaring 6,1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 6,2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
Verklaring: Dit lampje gaat automatisch branden wanneer de temperatuursensor aangesloten is.
Het lampje van de temperatuursensor brandt niet
Verklaring: De temperatuursensor is niet aangesloten of is beschadigd. Er wordt uitgegaan van kamertemperatuur en de accu wordt opgeladen zonder temperatuurcompensatie.
Het lampje van de temperatuursensor knippert
Verklaring: De temperatuur is hoger dan 65°C. De laadstroom wordt verlaagd totdat de temperatuur is gedaald tot minder dan 65°C, waarna de laadstroom weer wordt verhoogd tot het normale niveau.
MXS 10EC
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
knippert
Als er geen accu is aangesloten of als de accuspanning te laag is, knippert dit lampje om aan te geven dat de energiespaarstand is geactiveerd.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: De acculader is niet aangesloten op een 12V-accu.
Oplossing: Probeer de acculader met een kort geleden opgeladen 12V-accu.

Verklaring 4: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 1.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 1 wordt afgebroken, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

Verklaring 5: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 2.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 2 wordt afgebroken, kan de accu niet meer worden opgeladen en moet deze worden vervangen.

Verklaring 6: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 5.

Verklaring 6,1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 6,2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
Verklaring: Dit lampje gaat automatisch branden wanneer de temperatuursensor aangesloten is.
Het lampje van de temperatuursensor brandt niet
Verklaring: De temperatuursensor is niet aangesloten of is beschadigd. Er wordt uitgegaan van kamertemperatuur en de accu wordt opgeladen zonder temperatuurcompensatie.
Het lampje van de temperatuursensor knippert
Verklaring: De temperatuur is hoger dan 65°C. De laadstroom wordt verlaagd totdat de temperatuur is gedaald tot minder dan 65°C, waarna de laadstroom weer wordt verhoogd tot het normale niveau.
M45
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: Het standbylampje brandt alleen als er een accuspanning is.
Oplossing: Sluit de acculader aan op een kort geleden opgeladen accu.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader zowel op de accu als op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader met een andere, kort geleden opgeladen accu.
De acculader schakelt niet over van naar onderhoudsladen
Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur van de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu is defect.
Oplossing: Probeer na afloop van het opladen de accuspanning te meten. Als de spanning minder dan 14,1V bedraagt, is de accu waarschijnlijk defect.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
en branden gelijktijdig (snel knipperend)
Verklaring 1: Slechte aansluiting.
Oplossing: Verplaats de klemmen en controleer of de Comfort Connect-snelkoppeling goed contact maakt.

Verklaring 2: De acculader is aan het desulfateren (in de DESULPHATION-fase).
Oplossing: Laat de acculader 24 uur aangesloten (controleer af en toe). Als de acculader niet binnen 24 uur begint met opladen (een van de lampjes gaat dan branden), is de accu in zeer slechte conditie.
schakelt over op nadat het opladen is gestopt
Verklaring: Na het opnieuw starten van de acculader wordt de accuspanning gecontroleerd. Bij een accuspanning van meer dan 12,9V wordt er niet opgeladen. Bij een accuspanning tussen 12,9V en 14,4V wordt de accu als volledig opgeladen beschouwd. Het opladen wordt automatisch hervat wanneer de accuspanning daalt tot minder dan 12,9V.
De acculader gaat in de standbystand wanneer de stroomtoevoer wordt afgesloten en het opladen wordt niet hervat
Verklaring: De acculader blijft in de standbystand als de accuspanning minder dan 6V is wanneer de stroomtoevoer wordt hersteld.
/ Oplossing: Start het opladen opnieuw door op de MODE-knop te drukken.
Het foutlampje brandt
Verklaring: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.
ZAFIR 45
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: Het standbylampje brandt alleen als er een accuspanning is.
Oplossing: Sluit de acculader aan op een kort geleden opgeladen accu.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader zowel op de accu als op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader met een andere, kort geleden opgeladen accu.
De acculader schakelt niet over van naar onderhoudsladen
Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur van de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu is defect.
Oplossing: Probeer na afloop van het opladen de accuspanning te meten. Als de spanning minder dan 14,1V bedraagt, is de accu waarschijnlijk defect.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
en branden gelijktijdig (snel knipperend)
Verklaring 1: Slechte aansluiting.
Oplossing: Verplaats de klemmen en controleer of de Comfort Connect-snelkoppeling goed contact maakt.

Verklaring 2: De acculader is aan het desulfateren (in de DESULPHATION-fase).
Oplossing: Laat de acculader 24 uur aangesloten (controleer af en toe). Als de acculader niet binnen 24 uur begint met opladen (een van de lampjes gaat dan branden), is de accu in zeer slechte conditie.
schakelt over op nadat het opladen is gestopt
Verklaring: Na het opnieuw starten van de acculader wordt de accuspanning gecontroleerd. Bij een accuspanning van meer dan 12,9V wordt er niet opgeladen. Bij een accuspanning tussen 12,9V en 14,4V wordt de accu als volledig opgeladen beschouwd. Het opladen wordt automatisch hervat wanneer de accuspanning daalt tot minder dan 12,9V.
De acculader gaat in de standbystand wanneer de stroomtoevoer wordt afgesloten en het opladen wordt niet hervat
Verklaring: De acculader blijft in de standbystand als de accuspanning minder dan 6V is wanneer de stroomtoevoer wordt hersteld.
/ Oplossing: Start het opladen opnieuw door op de MODE-knop te drukken.
Het foutlampje brandt
Verklaring: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.
XS 800
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader op de accu is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader zowel op de accu als op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 6V.
Oplossing: Probeer de acculader met een andere, kort geleden opgeladen accu.
De acculader schakelt niet over van naar onderhoudsladen
Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur van de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu is defect.
Oplossing: Probeer na afloop van het opladen de accuspanning te meten. Als de spanning minder dan 7V bedraagt, is de accu waarschijnlijk defect.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
en branden gelijktijdig (snel knipperend) en er is een tikgeluid te horen
Verklaring 1: Slechte aansluiting.
Oplossing: Verplaats de klemmen en controleer of de Comfort Connect-snelkoppeling goed contact maakt.

Verklaring 2: De acculader is aan het desulfateren (in de DESULPHATION-fase).
Oplossing: Laat de acculader 24 uur aangesloten (controleer af en toe). Als de acculader niet binnen 24 uur begint met opladen (een van de lampjes gaat dan branden), is de accu in zeer slechte conditie.
schakelt over op nadat het opladen is gestopt
Verklaring: Na het opnieuw starten van de acculader wordt de accuspanning gecontroleerd. Bij een accuspanning van meer dan 12,9V wordt er niet opgeladen. Bij een accuspanning tussen 12,9V en 14,4V wordt de accu als volledig opgeladen beschouwd. Het opladen wordt automatisch hervat wanneer de accuspanning daalt tot minder dan 12,9V.
Het foutlampje brandt
Verklaring: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.
MULTI XS 7000
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 12,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de Multi XS 7000 (225Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen.

Verklaring 3: Bij oudere typen acculaders knippert het foutlampje wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten.
MULTI XT 4000
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 25,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de Multi XT 4000 (100Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert en daarna brandt het foutlampje
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen.

Verklaring 3: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.
MXTS 70
Het display en alle lampjes zijn uit wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes en het display werken alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Het display en alle lampjes zijn uit wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Het display en de lampjes moeten gaan branden als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten. Bovendien gaan dan de ventilatoren draaien.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
brandt
Verklaring: Dit lampje brandt als de acculader is ingesteld op een lagere laadstroom dan het maximum.
brandt
Verklaring: Dit lampje brandt als het opladen niet is gestart of is gestopt. Druk op START/PAUSE om het opladen te starten of te hervatten.
brandt
De betekenis van dit lampje wordt aangegeven in het display (Ah & info).

E01: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

E02: Overspanning. De spanning van de aangesloten accu is hoger dan de spanning van het ingestelde oplaadprogramma.
Oplossing: Zorg dat de spanning van het oplaadprogramma overeenkomt met de spanning van de accu.

E03: Time-out in stap 1: DESULPHATION. De accu is gesulfateerd en kan niet goed worden opgeladen.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten. Als het opladen opnieuw mislukt tijdens stap 1, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

E04: Time-out in stap 2: SOFT START. De accu kan niet goed worden opgeladen.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten. Als het opladen opnieuw mislukt tijdens stap 1, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

E05: Time-out tijdens de ANALYSIS-fase. De lading kan niet worden vastgehouden.
Oplossing: Verwijder alle apparatuur die eventueel op de accu is aangesloten en start de oplaadcyclus opnieuw. Als de ANALYSIS-fase nog steeds niet tot een goed einde wordt gebracht, moet de accu worden vervangen.

E06: Accu is oververhit. De temperatuur van de accu is hoger dan 60°C. Wacht tot de temperatuur is gedaald en druk dan op START/PAUSE om verder te gaan met opladen.
Oplossing: Controleer of de omgevingstemperatuur niet te hoog is. Als de omgevingstemperatuur niet te hoog is, moet de accu worden vervangen.

E07: Accuspanning te laag in SUPPLY-stand. De accuspanning van de aangesloten accu is te laag. Ofwel er is een 12V-accu aangesloten terwijl de acculader in de 24V-stand staat, of de belasting door de parallel aangesloten apparatuur is te hoog.
Oplossing: Als er een 12V-accu is aangesloten, controleert u of de acculader niet in de 24V-stand staat. Ontkoppel alle aangesloten apparatuur.

E08: Stroomsterkte te hoog in SUPPLY-stand. De uitvoer van de acculader is uitgeschakeld omdat de stroomsterkte te hoog werd.
Oplossing: Controleer of er geen kortsluiting is tussen de accuklemmen. Controleer ook of er geen zware apparatuur parallel op de accu is aangesloten.

E99: Overspanningsbeveiliging. Als de accuspanning lager is dan 17V terwijl de acculader in de 24V-stand staat, gaat het foutlampje branden.
Druk op START/PAUSE om verder te gaan in de 12V-stand. Druk op + of – om de 24V-stand in te stellen.
Het lampje van de temperatuursensor brandt
Verklaring: Dit lampje gaat automatisch branden wanneer de temperatuursensor aangesloten is.
Het lampje van de temperatuursensor brandt niet
Verklaring: De temperatuursensor is niet aangesloten of is beschadigd. Er wordt uitgegaan van kamertemperatuur en de accu wordt opgeladen zonder temperatuurcompensatie.
MXS 7.0
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 12,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de Multi XS 7000 (225Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen.

Verklaring 3: Bij oudere typen acculaders knippert het foutlampje wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten.
M100
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 12,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de Multi XS 7000 (225Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen.

Verklaring 3: Bij oudere typen acculaders knippert het foutlampje wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten.
MXT 4.0
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 25,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de Multi XT 4000 (100Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert en daarna brandt het foutlampje
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen.

Verklaring 3: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.
ZAFIR 100
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de accu circa 5 minuten op te laden in de SUPPLY-modus. Probeer daarna de accu gewoon op te laden.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Als de accuspanning na 4 uur opladen niet hoger is dan 12,5V, wordt de foutmodus geactiveerd omdat de spanning niet voldoende is toegenomen.

Verklaring 1: De accu is te groot voor een acculader met deze capaciteit.
Oplossing: Controleer of de capaciteit van de accu('s) niet groter is dan de aanbevolen waarde voor de Multi XS 7000 (225Ah).
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 2: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer de accu op te laden zonder aangesloten apparatuur.
Oplossing: Probeer de acculader opnieuw te starten, omdat er misschien meer tijd nodig is om de accu op te laden.

Verklaring 3: Als de accu tijdens het opladen heet wordt of begint te koken, is waarschijnlijk een van de accucellen defect.
Oplossing: Vervang de accu.
knippert gedurende 4 uur en daarna gaat de acculader in de foutmodus
Verklaring: De accu is waarschijnlijk te sterk gesulfateerd om te kunnen worden hersteld. De accu moet worden vervangen.
brandt en daarna gaat de acculader in de foutmodus
In de ANALYSIS-fase wordt getest of de accu de toegevoerde lading kan vasthouden.

Verklaring 1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de accu en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
Oplossing: De accu moet worden vervangen.
Het foutlampje brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: Er is kortsluiting tussen de accuklemmen.

Verklaring 3: Bij oudere typen acculaders knippert het foutlampje wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten.
XS 0.8
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2+/-0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
knippert
Als er geen accu is aangesloten of als de accuspanning te laag is, knippert dit lampje om aan te geven dat de energiespaarstand is geactiveerd.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: De acculader is niet aangesloten op een 12V-accu.
Oplossing: Probeer de acculader met een kort geleden opgeladen 12V-accu.

Verklaring 4: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 1.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten. Als het opladen opnieuw tijdens stap 1 wordt afgebroken, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

Verklaring 5: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 4.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten. Als het opladen opnieuw tijdens stap 4 wordt afgebroken, kan de accu niet meer worden opgeladen en moet deze worden vervangen.
MXS 4003
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
knippert
Als er geen accu is aangesloten of als de accuspanning te laag is, knippert dit lampje om aan te geven dat de energiespaarstand is geactiveerd.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: De acculader is niet aangesloten op een 12V-accu.
Oplossing: Probeer de acculader met een kort geleden opgeladen 12V-accu.

Verklaring 4: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 1.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 1 wordt afgebroken, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

Verklaring 5: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 2.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 2 wordt afgebroken, kan de accu niet meer worden opgeladen en moet deze worden vervangen.

Verklaring 6: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 5.

Verklaring 6,1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 6,2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
MXS 5.0 (black mode button)
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
knippert
Als er geen accu is aangesloten of als de accuspanning te laag is, knippert dit lampje om aan te geven dat de energiespaarstand is geactiveerd.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: De acculader is niet aangesloten op een 12V-accu.
Oplossing: Probeer de acculader met een kort geleden opgeladen 12V-accu.

Verklaring 4: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 1.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 1 wordt afgebroken, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

Verklaring 5: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 2.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 2 wordt afgebroken, kan de accu niet meer worden opgeladen en moet deze worden vervangen.

Verklaring 6: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 5.

Verklaring 6,1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 6,2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
MXS 5.0 POLAR
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
knippert
Als er geen accu is aangesloten of als de accuspanning te laag is, knippert dit lampje om aan te geven dat de energiespaarstand is geactiveerd.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: De acculader is niet aangesloten op een 12V-accu.
Oplossing: Probeer de acculader met een kort geleden opgeladen 12V-accu.

Verklaring 4: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 1.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 1 wordt afgebroken, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

Verklaring 5: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 2.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 2 wordt afgebroken, kan de accu niet meer worden opgeladen en moet deze worden vervangen.

Verklaring 6: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 5.

Verklaring 6,1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 6,2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
MXS 5.0 TEST&CHARGE
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
knippert
Als er geen accu is aangesloten of als de accuspanning te laag is, knippert dit lampje om aan te geven dat de energiespaarstand is geactiveerd.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: De acculader is niet aangesloten op een 12V-accu.
Oplossing: Probeer de acculader met een kort geleden opgeladen 12V-accu.

Verklaring 4: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 1.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 1 wordt afgebroken, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

Verklaring 5: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 2.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 2 wordt afgebroken, kan de accu niet meer worden opgeladen en moet deze worden vervangen.

Verklaring 6: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 5.

Verklaring 6,1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 6,2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
MXS 5.0 CHECK
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de accu is aangesloten
Verklaring: De lampjes branden alleen als de acculader via de stekker op de wandcontactdoos is aangesloten.
Er branden geen lampjes wanneer de acculader alleen op de wandcontactdoos is aangesloten
Verklaring: Een van de lampjes in de onderste rij moet branden als de acculader op de wandcontactdoos is aangesloten.
Oplossing: Controleer of de wandcontactdoos onder spanning staat.
Er branden geen lampjes in de bovenste rij terwijl de acculader zowel op de wandcontactdoos als op de accu is aangesloten
De lampjes in de onderste rij branden en u kunt de oplaadmodus instellen. Als de lampjes in de bovenste rij niet branden, wordt de oplaadstatus niet aangegeven.

Verklaring: Mogelijk is de accuspanning minder dan 2 +/- 0.5V.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
knippert
Als er geen accu is aangesloten of als de accuspanning te laag is, knippert dit lampje om aan te geven dat de energiespaarstand is geactiveerd.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: De acculader is niet aangesloten op een 12V-accu.
Oplossing: Probeer de acculader met een kort geleden opgeladen 12V-accu.

Verklaring 4: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 1.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 1 wordt afgebroken, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

Verklaring 5: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 2.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 2 wordt afgebroken, kan de accu niet meer worden opgeladen en moet deze worden vervangen.

Verklaring 6: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 5.

Verklaring 6,1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 6,2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.
MXS 5.0 (red mode button)
knippert
Als er geen accu is aangesloten of als de accuspanning te laag is, knippert dit lampje om aan te geven dat de energiespaarstand is geactiveerd.
Oplossing: Probeer de acculader uit met een andere, kort geleden opgeladen accu.
brandt
Verklaring 1: Omgekeerde polariteit.
Oplossing: Controleer of de pluskabel of plusklem (+) is aangesloten op de pluspool en de minkabel of minklem (–) is aangesloten op de minpool.

Verklaring 2: De op de accu aangesloten apparatuur vraagt meer vermogen dan de acculader kan leveren.
Oplossing: Schakel de aangesloten apparatuur uit of ontkoppel de apparatuur tijdens het opladen.

Verklaring 3: De acculader is niet aangesloten op een 12V-accu.
Oplossing: Probeer de acculader met een kort geleden opgeladen 12V-accu.

Verklaring 4: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 1.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 1 wordt afgebroken, is de accu ernstig gesulfateerd en moet deze worden vervangen.

Verklaring 5: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 2.
Oplossing: Probeer nogmaals de oplaadcyclus te starten door op de MODE-knop te drukken. Als het opladen opnieuw tijdens stap 2 wordt afgebroken, kan de accu niet meer worden opgeladen en moet deze worden vervangen.

Verklaring 6: De oplaadcyclus wordt afgebroken tijdens stap 5.

Verklaring 6,1: Er is zware apparatuur op de accu aangesloten, waardoor de lading wegvloeit.
Oplossing: Ontkoppel de apparatuur en probeer opnieuw op te laden.

Verklaring 6,2: De accu kan de toegevoerde lading niet vasthouden.

Laden